Posts tonen met het label voeding. Alle posts tonen
Posts tonen met het label voeding. Alle posts tonen

zaterdag 3 december 2011

Voedingssupplementen met basilicum gevaarlijk

WAGENINGEN - Onderzoekers van Wageningen Universiteit waarschuwen voor plantaardige voedingssupplementen die als hoofdbestanddeel basilicum, venkel, nootmuskaat, sassafras, kaneel of kalmoes bevatten. De voedingssupplementen, die gewoon in de winkel en via internet te koop zijn, zouden schadelijk voor de gezondheid kunnen zijn.

Voedingssupplementen met basilicum gevaarlijk - voorpagina - Gelderlander

Zo dat is dan ook weer duidelijk.
Alles wat te veel is is slecht voor je lichaam, maar dat wisten wij al. Wat mij stoort aan dit bericht is dat de Gelderlander dit klakkeloos overneemt en als waarheid publiceert.

vrijdag 16 september 2011

Duurzame voeding steeds populairder

De consumentenbestedingen aan duurzame voeding in de Nederlandse supermarkten zijn in het eerste halfjaar van 2011 met 39,1 procent gestegen ten opzichte van 2010 naar ruim 500 miljoen. Biologisch groeide met 29,1 procent naar 195 miljoen euro omzet. Diervriendelijker geproduceerde producten boekten een omzetstijging van 56 procent naar 114 miljoen euro.

Dit blijkt uit de halfjaarcijfers van het LEI in het kader van de Monitor Duurzaam Voedsel. Deze cijfers hebben betrekking op supermarkten. Andere verkoopkanalen worden alleen jaarlijks gemeten.

Biologisch
Bij biologisch droegen alle productgroepen bij aan de groei. Zuivel is ten opzichte van 2010 het hardst gestegen (44%), gevolgd door vleeswaren (40%) en eieren (36%). AGF is goed voor 25,9 procent aandeel van de biologische omzet en blijft zuivel (24,7%) nog net voor als grootste productgroep. Supermarkten zorgen voor bijna de helft van de biologische omzet in Nederland. Natuurvoedingswinkels melden een groei van 5 tot 10 procent, een percentage dat al jaren stabiel is. De Task Force Marktontwikkeling Biologische Landbouw verwacht dat de totale omzet van biologische voeding in 2011 ruim boven de 800 miljoen uit zal komen; ongeveer de helft van de verwachte totale omzet aan duurzame voeding in Nederland.

Varkensvlees en pluimveevlees
Diervriendelijke voeding viel ook in de smaak. Consumenten kochten voor 114 miljoen euro diervriendelijker geproduceerd vlees, vleeswaren en eieren (inclusief de biologische varianten), een stijging van 56 procent.
De hoogste omzetgroei is zichtbaar bij varkensvlees en pluimveevlees. De groei in duurzamere eieren, vlees en vleeswaren was resp. 21 procent, 72 procent en 49 procent. Het Convenant Marktontwikkeling Verduurzaming Dierlijke Producten verwacht dat deze groei dit najaar zal doorzetten. Leveranciers en supermarkten hebben aangekondigd nog meer producten met aandacht voor dierenwelzijn aan te gaan bieden.

Keurmerk
De gegevens zijn afkomstig van kassascangegevens van de supermarkten en betreffen alleen producten die aan een keurmerk herkenbaar zijn. Daarnaast vindt verduurzaming plaats ook zonder dat dit in een keurmerk tot uitdrukking komt, bijvoorbeeld door gewijzigde ingrediënten, ander inkoopbeleid, of ander MVO-beleid van producenten of retailers.

zondag 4 september 2011

Geschikte voeding voor de nazomer


Milde, zoete voeding
De nazomer toont ons een belangrijke overgang van de zomer naar de herfst. Een overgang van extreem yang naar yin. In deze periode kan voedsel het beste zo bereid worden dat het mild van smaak is zonder dat het teveel gekruid wordt. Voedsel mag zoet van smaak zijn en over het algemeen kunnen granen, bonen, noten, zaden en zoete vruchten gekozen worden om in harmonie met de nazomer ons voedsel te bereiden.

Zoet versus ongezoet
Wanneer we van onszelf weten dat we de neiging hebben om teveel suiker te eten, kan de nazomer een goed moment zijn om te onderzoeken of het mogelijk is om onze suikerbehoefte te bevredigen door te kiezen voor natuurlijk voedsel dat ook zoet van smaak is. Als ontbijt kan bijvoorbeeld gekozen worden voor havermoutpap met ahornsiroop en als lunch en avondeten voor zoete rijst of zoete aardappelen met zoete groenten, zaden en bonen. Voorbeelden van zoete granen, zaden, noten, groenten en vruchten die suiker kunnen vervangen zijn o.a. : haver, gierst, hazelnoten, zonnebloempitten, lijnzaden, pompoenzaden, erwten, pastinaken, wortelen, snijbonen, selderij, kersen en abrikozen. Zoete noten, zaden en vruchten kunnen gegeten worden als tussendoortje.
Het is mogelijk dat het grijpen naar suiker een gewoonte is geworden. We kunnen suiker nodig hebben in momenten van stress omdat de zoete smaak een ontspannende werking heeft op het lichaam. Deze gewoonte is niet verkeerd en hoeft niet te veranderen maar kan wel getransformeerd worden naar een gewoonte waarbij er gekozen wordt voor gezond voedsel met een zelfde soort effect op het lichaam.
Een dergelijke verandering in gewoontevorming kan enorm waardevol zijn wanneer er tegelijkertijd een behoefte is om af te vallen. Niet alleen omdat het eten van suiker als oorzaak voor een toename in gewicht vermeden wordt, maar ook omdat stress kan verminderen wanneer gekozen wordt voor ander voedsel.
Het is op het moment dat de behoefte aan suiker onderdrukt wordt dat er stress ontstaat, wat op haar beurt zorgt voor een toename in gewicht. Hoe dit proces werkt, heeft te maken met de pancreas en de aanmaak van insuline. Dit hormoon wordt niet alleen uitgescheiden door de pancreas op het moment dat suiker wordt gegeten maar ook wanneer stress ontstaat wanneer er een behoefte wordt onderdrukt. Hoe meer die behoefte wordt onderdrukt, des te meer insuline er wordt aangemaakt. Aangezien die grote hoeveelheid insuline er vervolgens toe bijdraagt dat er vet wordt aangemaakt, kan die stress er de oorzaak van zijn dat een toename in gewicht is ontstaan. Wanneer er bewust wordt gekozen voor zoete voeding zonder zoetstoffen of suiker zal er geen noodzaak meer zijn om dergelijke behoeftes te onderdrukken en kan er een soortgelijke ontspanning ontstaan in het lichaam als wanneer er bijvoorbeeld drop of chocola wordt gegeten.

Het midden tussen yin en yang
Er zijn mensen die iedere dag suiker eten, wijn drinken en roken en er zijn mensen die er iedere dag bewust voor kiezen om niet te drinken en te roken, en om ongezoet voedsel te eten. Het kan ook zo zijn dat deze laatst genoemde mensen af en toe een uitzondering maken op die keuzes. Op het moment dat ze bijvoorbeeld een leuk dagje uit gaan, zeggen ze geen nee tegen een wijntje, nemen ze een lekker toetje en roken ze nog een sigaretje voor de gezelligheid. Los van het feit dat dit niet de meest gezonde keuze is, hebben deze laatste groep mensen de mogelijkheid om in de periode tussen die uitjes hun lichaam weer te ontgiften. Het is daarom dat een dergelijke leefstijl zonder “slechte gewoontes” een stuk gezonder is dan die waarbij er iedere dag sprake is van dergelijke patronen. Op dit gebied kunnen we voor onszelf een evenwicht vinden en kunnen we leren van wat de nazomer ons laat zien, namelijk dat niets blijvend is en alles altijd op een natuurlijke manier aan verandering onderhevig is. Het is in die verandering dat er evenwicht kan komen en we ons eigen midden vinden tussen de twee extremen van ‘wel’ of ‘geen’ ongezond voedsel.

De nazomer is een goede periode om jezelf te verbinden met de stabiliteit van het element aarde. In deze periode worden vruchten vol rijp, kunnen bloemen volledig uitbloeien en lijkt de natuur in volledige rust en volheid te verkeren. Op soortgelijke wijze is dit het moment dat wij zelf ook een stapje terug kunnen doen om ons innerlijk evenwicht weer op te zoeken. Manieren die je kunnen helpen om contact te maken met het element aarde, zijn:

Kies voor ritme in je leven. Door bepaalde tijden of dagen aan te gaan houden voor bepaalde bezigheden kan er een gevoel van stabiliteit en tevredenheid ontstaan. Vroeger had men bijvoorbeeld voor iedere dag een specifieke activiteit. Maandag werd de was gedaan, dinsdag gestreken, woensdag werden reparaties gedaan, donderdag boodschappen, vrijdag schoongemaakt, zaterdag werd er gebakken en zondag werd er uitgerust. Niet dat we dit ook weer op die manier moeten gaan doen, maar het illustreert wel heel mooi hoe ‘aards’ iets kan worden dankzij dergelijke ritmes.

Bereid je voor op de herfst. De relatieve luchtvochtigheid zal alleen maar hoger worden naarmate we het najaar tegemoet gaan. De milt als aarde-orgaan is het meest gevoelig voor vocht. Daarom is het goed om alvast rekening te houden met een toename van regen, mist en dauw. Problemen met het spijsverteringsstelsel treden sneller op wanneer het lichaam in aanraking komt met teveel vochtigheid.

Doe oefeningen om te aarden. Er zijn verschillende manieren om te aarden. Op fysiek niveau kunnen we aarden door te sporten of door simpelweg te bewegen. Op het niveau van qi kunnen we aarden door de energie in het lichaam naar beneden te sturen. Op het niveau van emoties en storende gedachtes kunnen we aarden door bijvoorbeeld de emotie op een neutrale, stabiele wijze waar te nemen. Daarbij kunnen we het proces ontdekken waarbij de emoties ontstaan, worden ervaren en vanzelf weer oplossen wanneer er niet gereageerd wordt. Op mentaal niveau kunnen we aarden door te mediteren op onze ademhaling of op een object. Wanneer gedachtes ruimte maken voor stilte en aandacht, aarden we op het meest subtiele niveau.

dinsdag 23 augustus 2011

Zet gezond eten op ooghoogte

Door gezonde voeding op ooghoogte te zetten kun je maandelijks tot 1kg afvallen. Je eet namelijk eerst wat je ziet, ontdekten psychologen. Eenvoudige veranderingen als het verstoppen van chocolade en chips en op die plaats gezonde voeding te zetten kunnen je mensen op dieet helpen zonder dat ze dit zelf beseffen. Het serveren van maaltijden op kleinere borden en eten in de keuken of de eetkamer in plaats van voor televisie kan je ook onbewust helpen de hoeveelheid dat je eet te beperken, zonder dat je je wilskracht op de proef stelt.

1 kg per maand
Professor Brian Wansink zegt dat wanneer ons brein op andere dingen gefocust is we eten wat voor ons staat, of we nu hongerig zijn of niet. Vermijd 'eetvalkuilen' als makkelijk bereikbare junkfood. Dit kan ons helpen tot 1 kg per maand te verliezen, dat blijkt uit recent onderzoek. Zo bleek ook al dat mensen 37 procent meer vloeistof gieten in een kort, breed glas dan in een lang, dun glas.

Onbewust
Uit een een andere test met 60 mensen die soep aten, bleek dat wanneer de proefpersonen stiekem een tweede portie kregen toen ze naar toilet waren, ze 73 procent meer aten zonder dit te beseffen. Professor Wansink besluit: "De meeste van ons hebben een erg chaotisch leven, ze hebben de tijd niet om zich te kunnen concentreren op elke hap die ze naar binnenspelen en zichzelf af te vragen of ze voldaan zijn. Het geheim is je omgeving te veranderen zodat dit met jou meewerkt in plaats van je tegen te werken."

Het is niet altijd mogelijk om je maaltijden of snacks aan een eettafel te verorberen, al is dat natuurlijk wel de ideale plaats. Als je ergens anders eet, zal je onvermijdelijk heel wat extra calorieën opnemen. Zeker als je op dieet bent, moet je eten op de volgende vijf plaatsen vermijden! 1. In de auto

Onderweg eten is nooit een goed idee, zeker niet als het om een calorierijke fast food-maaltijd gaat. Bovendien heb je de neiging om te gulzig te eten in de auto, aangezien je je handen het liefst op het stuur houdt. Omdat je ook nog eens op de weg moet letten, heb je ook geen controle over de hoeveelheid eten. Als het toch niet anders kan, neem dan gezonde snacks mee, zodat je precies weet hoeveel calorieën je opneemt.

2. Rechtstaand in de keuken
Als je een snelle hap zoekt in keuken, word je omringd door eten en zal je al snel meer eten dan je eigenlijk wou. Het is vooral niet slim om te staan eten voor een open koelkast vol lekkers of om rond te lopen met een volledige pak chips of koekjes. Als je echt honger hebt, leg dan een aanvaardbare portie in een kom of op een bord en zet je aan tafel om er ten volle van te genieten!

3. Voor de televisie

Er is natuurlijk niks mis met het eten van een snack voor de televisie, maar vergeet niet op je calorieën te letten! Reclames zijn een regelrechte aanval op je slanke lijn. Al die kazige pizza's, hamburgers, ijsjes en chocolade smeken je om opgegeten te worden. Geen wonder dat je bij het zien van al dat lekkers onmiddellijk naar de keuken wil sprinten. Neem je voorzorgen door wat groente en fruit bij de hand te nemen.

4. Aan je bureau

Het is niet makkelijk om deze gewoonte te doorbreken, zeker wanneer je een nine to five job hebt waarbij je ook onder de middag blijft doorwerken. Nochtans is het zeer ongezond, omdat je veel te snel eet en je hersenen daardoor niet genoeg tijd krijgen om aan te geven dat je voldaan bent. Probeer dus toch minstens een kwartier je bureau te verlaten om je middagmaal te verorberen.

5. In je bed

Als je ziek bent, je laat verwennen of gewoon zin hebt in een luie dag, is het verleidelijk om te eten in bed. Toch is het beter om dat niet te doen, want het doet je onoplettend (en dus te veel) eten én het maakt je slaapomgeving minder hygiënisch. Vermijd late snacks in bed door genoeg te eten tijdens je avondmaal aan tafel. En ben je toch bang voor dat hongergevoel later op de avond? Eet dan enkele uren voor bedtijd een kommetje vers fruit, zodat je zeker kan weerstaan aan die ongezonde snacks.

maandag 15 augustus 2011

Bereid je voor op de winter


Zoals het een goed moment is om in het voorjaar te ontgiften, zo is het na de zomer een goed moment om aandacht te schenken aan je weerstand (immuniteit), zodat je gemakkelijker de winter doorkomt zonder al te veel kwaaltjes.

De winter doet een extra aanslag op onze weerstand, onder meer doordat we minder bewegen, minder verse producten gebruiken en minder buiten komen.

Er kunnen ook andere redenen zijn waardoor je weerstand op de proef wordt gesteld en je beter extra aandacht schenkt aan het in stand houden ervan. Voorbeelden hiervan zijn: zwangerschap, stress en intensief sporten.

Voeding
Je darmen bepalen voor 70% of het goed gaat met je immuunsysteem. Gezonde darmen zijn dan ook van essentieel belang.

Gezonde darmen bevorder je door het eten van voeding met veel voedingsvezels. Enerzijds bevorderen voedingsvezels de darmtransit, wat voorkomt dat afvalstoffen te lang in de darm zitten en de kans krijgen via de darmwand terug het lichaam in te raken. Anderzijds bevorderen voedingsvezels de groei van goede darmbacteriën, ook wel darmflora genoemd. Deze goede bacteriën produceren vitamines, verbeteren de opname van mineralen en remmen de groei van ongewenste bacteriën af.

Voedingsvezels vind je terug in volwaardige voeding, wat wil zeggen voeding die nog niet of weinig is bewerkt. Denk daarbij aan fruit, rauwkost, volkoren producten, noten en peulvruchten.

Melkzure producten zijn dan ook nog goed voor de darmflora, te denken valt aan zuurkool en natuur yoghurt.

Natuurlijk mag je ook niet vergeten om door de dag heen voldoende water te drinken voor de afvoer van afvalstoffen en een goede darmtransit. Tevens is het van belang om veel voeding te gebruiken met een hoog gehalte aan vitamine c. Een hoog gehalte aan vitamine c vind je terug in kiwi, paprika (met name de rode), broccoli, citrusfruit, witlof.

Suiker, suikerrijke producten, cafeïne houdende producten en alcohol laat je het best staan, omdat ze een grote aanslag plegen op je immuunsysteem.

Beweging en ontspanning
Door elke dag een half uur te bewegen stimuleer je je bloedsomloop, wat een positief effect heeft op je weerstand. Je hoeft dit half uur niet aan intensieve sport te doen. Vaker de trap nemen, je auto verder weg parkeren of een wandeling zijn ook effectief. Juist het bewegen in de buitenlucht is goed, omdat het zonlicht de aanmaak van vitamine D stimuleert. Vitamine D stimuleert de specifieke cellen van ons afweersysteem. Daarnaast is beweging een goede manier om te ontspannen, je kunt even helemaal je hoofd leegmaken en los komen van eventuele stress en spanningen die ook een aanval doen op je afweersysteem.

Nachtrust
Zorg dat je voldoende nachtrust krijgt, zo krijgt je lichaam de kans om helemaal tot rust te komen en zich te herstellen. Een goede nachtrust bevorder je door voor je gaat slapen een vast ritme aan te nemen. Stop minstens een uur voor je gaat slapen met intensieve bezigheden, kijk geen spannende films en eet geen zware maaltijden. Demp de verlichting en luister naar een rustig muziekje met eventueel een kopje slaapbevorderende kruidenthee van kamille of linde. Op die manier kan het lichaam zich al voorbereiden op de komende nacht. Zet in de winter ook het raam van je slaapkamer open zodat er voldoende verse lucht binnen kan komen. Verlucht je kamer en de rest van je huis goed zodat virussen geen kans krijgen binnen te blijven hangen.

Wil je je immuunsysteem een extra boost gegeven of ben je toch geveld door een griep, sta er eens bij stil wat de ziekte je wil vertellen. Enkele natuurlijke middeltjes die je er weer bovenop kunnen helpen zijn: Knoflook en geelwortel (kurkuma) zijn echte virusremmers. Etherische olie van rode tijm helpt ook bacteriën en virussen te lijf te gaan en stimuleert de aanmaak van witte bloedlichaampjes. In elke natuurvoedingswinkel vind je nog middeltjes op basis van propolis en echinacea, laat je goed adviseren.

Leef bewust en in evenwicht met de natuur en vanuit je innerlijke kracht dan zal je gezondheid er wel bij varen.

Geniet van de herfst!

zondag 24 juli 2011

Voeding die iets extra’s voor je doet

Voeding die iets extra’s voor je doet

Hippocrates, de grondlegger van de geneeskunde, deed al de beroemde uitspraak dat ons voedsel ons medicijn zou moeten zijn. Met wetenschappelijk onderzoek wordt nu ook steeds meer ontdekt over voedingsmiddelen die minstens zo goed zijn als geneesmiddelen.

Inmiddels bestaat er genoeg bewijs om categorisch te stellen dat het gebruikelijke Westerse voedingspatroon met veel bewerkte voedingsmiddelen, cafeïne en frisdrank een van de belangrijkste oorzaken is van chronische ziekten. Het zogeheten mediterrane voedingspatroon daarentegen is de beste methode om in goede gezondheid oud te worden. Dat laatste voedingspatroon is rijk aan groenten, fruit, olijfolie en vis en kan preventief werken tegen hartziekten, kanker en vele andere chronische aandoeningen waaraan tegenwoordig zo velen van ons lijden. Uit recent onderzoek lijkt zelfs op te maken dat dit voedingspatroon cognitieve aftakeling voorkomt, zoals dementie en de ziekte van Alzheimer1.
Naarmate het beleid aangaande de subsidiëring van onderzoek langzaam begint te veranderen, is steeds meer onderzoek mogelijk naar andere dingen dan geneesmiddelen, zoals naar het voedsel dat wij eten. En de onderzoekers beginnen steeds meer zogeheten power foods te ontdekken: voedingsmiddelen die niet alleen ziekte kunnen voorkomen, maar ze zelfs even effectief kunnen bestrijden als geneesmiddelen.
Hieronder een aantal van de meest recente ontdekkingen, ondergebracht bij de maaltijd waar ze het meest waarschijnlijk worden gebruikt.

- Appels
Appels zijn een goede bron van oplosbare vezels en ondersteunen de eigen genezingsprocessen van het lichaam. In het algemeen is een appel een van de beste manieren om het immuunsysteem sterk te maken39.

- Druiven
De flavonoïden in druiven kunnen het risico op hartfalen sterk verlagen. Door eenvoudig dagelijks negen porties (handjevol) druiven te eten kan de bloeddruk al dalen en de hartspierfunctie verbeteren. Ook zou dit wel eens genoeg kunnen zijn om de effecten van een ongezond voedingspatroon tegen te gaan. Bij een onderzoek bleken de positieve effecten van druiven meetbaar te worden na achttien weken gebruik bij muizen40.
Door druiven als tussendoortje te gebruiken zou ook de neerwaartse spiraal die vaak uitmondt in diabetes type 2 en hartziekten doorbroken kunnen worden. De voordelen worden meetbaar vanaf drie maanden, zo bleek bij een onderzoek waarin aangetoond werd dat er plantaardige stoffen in druiven zitten die het ontstaan van ‘het metabole syndroom’ tegengaan. Dit laatste is een cluster van gezondheidsproblemen met als belangrijkste factoren een grote buikomtrek, hoge bloeddruk, verminderde glucosetolerantie en een verhoogd gehalte C-reactief eiwit, een marker voor ontstekingsprocessen41.

- Zwarte bessen
Deze bessen werken tegen longontsteking en kunnen de ademhaling verbeteren bij een astma-aanval. Ze bevatten veel epigallocatechine, een antioxidant die met het immuunsysteem van het lichaam samenwerkt om ontstekingen te verminderen44.

- Bosbessen
Deze bessen kunnen de ergste symptomen van maagklachten tegengaan, zoals maagpijn en een opgeblazen gevoel. Ze kunnen zelfs werken tegen colitis. Ook kunnen ze bij voorbaat al beschermen tegen alle maagdarmproblemen. De bessen bevatten veel polyfenolen met zowel antimicrobiële als antioxidante eigenschappen45.

- Grapefruit
Grapefruit bij het ontbijt is een gezond begin van de dag voor wie chronische hepatitis C heeft. De conventionele behandeling is een krachtig geneesmiddel, zoals interferon alfa, maar dat geeft een scala aan bijwerkingen, zoals misselijkheid, anemie, depressie en huiduitslag. Maar in Boston hebben wetenschappers aangetoond dat een grapefruit of een andere citrusvrucht per dag net zo goed kan werken. Het actieve ingrediënt, naringenine, blokkeert een reactieroute in de levenscyclus van het hepatitis-C-virus7. Het naringenine in grapefruits, dat de bittere smaak hieraan geeft, kan tevens diabetes type 2 voorkomen. Door deze antioxidant wordt de lever gestimuleerd vetten af te breken, terwijl ook de insulinegevoeligheid wordt vergroot. Onderzoekers in Jeruzalem hebben tevens ontdekt dat hij de werking van een antidiabetesmiddel nabootst, maar dan zonder de bijwerkingen. Naringenine heeft hetzelfde positieve effect als vasten, aldus de onderzoekers, waarbij de lever op termijn vetzuren gaat afbreken in plaats van koolhydraten8. Wie geneesmiddelen gebruikt, doet er goed aan even in de bijsluiter na te kijken of hierbij wellicht geen grapefruit genuttigd mag worden, in verband met de opname van het medicijn.

- Watermeloen
Deze vrucht verlaagt de bloeddruk even effectief als een statine, alleen zou je er drie per dag moeten eten om enig positief effect te bereiken. Watermeloen is rijk aan het aminozuur L-citrulline, een beter te verdragen vorm van L-arginine, het aminozuur dat direct van invloed is op de bloeddruk. In het lichaam wordt L-citrulline omgezet in L-arginine, dat – indien direct als zodanig ingenomen – kan leiden tot misselijkheid en maagdarmklachten, vooral bij mensen die toch al een hoge bloeddruk hebben. In een onderzoek werd bij negen volwassenen met hypertensie de hoge bloeddruk genormaliseerd, door zes weken lang watermeloenextract te nemen, in de vorm van L-citrulline/L-arginine in de verhouding 2,7 g/1,3 g per dag9.

- Cranberrys en cranberrysap
De infectiebestrijdende eigenschappen van cranberrysap zijn algemeen bekend. Intussen is men in de wetenschappelijke wereld ook gaan denken dat het goed zou kunnen werken tegen ernstige stafylokokkeninfecties, zoals de potentieel dodelijke superbacterie MRSA (methicilline-resistente Staphylococcus aureus), die vooral in ziekenhuizen en verpleeghuizen een groot risico vormt. In een onderzoek kregen vrouwen cranberrysap of een placebo te drinken, waarna hun urine gemengd werd met stammen van de Escherichia coli en de S. aureus, die verschillende infecties kunnen veroorzaken, van huiduitslag tot MRSA-verschijnselen. Het cranberrysap bleek beide stammen in hun groei te stoppen en was met name effectief tegen S. aureus23.

- Bietensap
Dit sap bleek bij een wetenschappelijke test de bloeddruk binnen 24 uur te doen dalen. Het actieve ingrediënt is nitraat, dat in het lichaam wordt omgezet in de krachtige vaatverwijderaar nitriet. Bij 250 ml van dit sap daalt de bloeddruk al. Zelfs bij mensen met ernstig verhoogde bloeddruk is het sap effectief24.

- Appelsap
Door slechts twee glazen appelsap per dag kunnen een aantal ernstige symptomen van de ziekte van Alzheimer al verbeteren. Bij een onderzoek waarin 21 patiënten met die ziekte een maand lang elke dag twee glazen appelsap van 120 ml kregen, werden aanzienlijke verbeteringen gemeten in hun angstniveau, prikkelbaarheid en waanbeelden. In het algemeen vonden de verzorgers van de patiënten dat door het appelsap zowel gedrags- als psychotische symptomen met 27 procent afnamen31.

- Granaatappelsap
Dit sap kan de groei van prostaatkanker vertragen en zou zelfs wel eens preventief tegen kanker kunnen zijn. In een onderzoek bleek dit sap het prostaatspecifieke antigen (PSA) bij 48 mannen met prostaatkanker te verlagen, en wel met 60 procent. Volgens de onderzoekers zou het sap een krachtig alternatief kunnen bieden in gevallen waarin een operatie niet geholpen heeft34.

- Bosbessensap
Dit is een krachtig middel tegen diabetes, dat kan helpen in de strijd tegen extra kilo’s, op voorwaarde dat de schil van de bes ook in het sap is verwerkt. In dat laatste geval verlaagt dit sap de bloedsuikerspiegel bij mensen met diabetes en werkt het tevens preventief tegen diabetes en zwaarlijvigheid. Het krachtigst werkt het wanneer het een driedaags proces van fermentatie (‘biotransformatie’) heeft ondergaan met de bacterie Serratia vaccinii35. In die vorm is dit sap nog niet commercieel verkrijgbaar, wel verkeert het al in een testfase.

- Citroenlimonade
Wie steeds terugkerende nierstenen heeft, kan het best dagelijks 2 liter water met 120 ml geconcentreerd citroensap te drinken. Daardoor stopt uiteindelijk de steenvorming. Deze behandeling is getest op elf patiënten, waarbij een afname van de steenvorming van 87 procent werd gevonden36.

- Amandelen
Deze worden wel eens de gezondste snack van allemaal genoemd. Door dagelijks 75 gram amandelen te eten kan het ‘slechte’ cholesterol LDL verlaagd worden met 24 procent, de insulineproductie verlaagd worden en zelfs de gezondheid van de darmen worden verbeterd. De positieve effecten ontstaan na vier maanden, zo blijkt uit onderzoek. De noten zijn het meest effectief als ze kort na een maaltijd gegeten worden42.

- Lijnzaad
Dagelijks een paar eetlepels lijnzaad over het eten strooien kan een cholesterolverlagend effect geven dat net zo groot is als dat van een geneesmiddel. Deze zaadjes bevatten veel omega-3-vetten en lignanen (fyto-oestrogenen). Lijnzaad bleek in een onderzoek met negentig mannen het cholesterol te verlagen met 10 procent. Dat effect is vergelijkbaar met dat van een statine (cholesterolsyntheseremmer), maar zonder de risicovolle bijwerkingen. De mannen consumeerden drie eetlepels lijnzaad per dag gedurende drie maanden, door dit over hun normale eten te strooien43.

- Olijfolie
Maak als lunch een salade en gebruik voor de dressing olijfolie: dat is een goede manier om de ziekte van Alzheimer op afstand te houden, en zelfs om de symptomen te verminderen bij wie de ziekte heeft. Het beste is extra vergine-olijfolie, omdat die de meeste oleocanthal bevat. Dat is een natuurlijk polyfenol dat de structuur van de neurotoxinen verandert. En dat zijn nu net de gifstoffen die het zenuwstelsel aantasten bij de ziekte van Alzheimer11. (Niet verhitten, dat verandert de structuur naar een schadelijke stof voor de gezondheid.)

- Walnoten en walnotenolie
Deze kun je toevoegen aan de salade als je veel stress voelt. Of je nu de noten of de olie gebruikt, beide bevatten veel omega-3-vetten, waardoor het lichaam beter reageert op een verhoogd stressniveau. Tevens verlagen deze vetten de bloeddruk en het LDL-cholesterol, ofwel het ‘slechte’ cholesterol. Bij een onderzoek waarin 22 vrijwilligers zes weken lang walnoten als onderdeel van hun voedingspatroon gebruikten, bleek hun bloeddruk in rust verbeterd te zijn, evenals hun reactie op stress12.

- Yoghurt
De levende, ‘goede’ bacteriën (probiotica) die in biogarde en yoghurt zitten, maken de darmen efficiënter. Tevens beschermen ze tegen gezondheidsproblemen als diabetes en obesitas. Er is veel onderzoek gedaan naar de manier waarop probiotica de darmflora beïnvloeden. In essentie is het zo – aldus onderzoeker Jeremy Nicolson van het Imperial College in Londen – dat de levende bacteriën communiceren met de darmmicroben en hen eraan ‘herinneren’ gezond te functioneren2.

- Muesli en havermout
Hierin zitten havervlokken, die preventief werken tegen vaatziekten. Ze bestrijden chronische ontstekingen die kunnen leiden tot atherosclerose (aderverkalking). Havervlokken bevatten verschillende gezondheidsbevorderende stoffen, zoals fytoalexinen, die door planten zelf samengesteld worden en een antimicrobiële werking hebben, en fenolzuren met antioxidante werking, die voorkomen dat bloedcellen zich aan de arteriewanden hechten. Ook kunnen havervlokken het cholesterolgehalte verlagen4. Havervlokken zijn een voedingsmiddel met een lage GI (glykemische index), waar het lichaam lang over doet om ze te verteren. Daardoor komt er langzaam glucose vrij in de bloedbaan. Als we een bord havermoutpap of muesli eten, produceert het lichaam een darmhormoon, GLP-1, waardoor we langer een vol gevoel hebben en dus minder naar tussendoortjes neigen5.

- Ahornsiroop
Als je niet zonder een zoetstof kunt, gebruik dan deze siroop. Hij bevat 20 heilzame bestanddelen, waaronder fenolzuren met antioxidante werking tegen kanker, bacteriële infecties en diabetes. Wel is het van belang dat je pure ahornsiroop koopt en niet een product met ahornsiroopsmaak6.

- Tomaten
Tomaten bieden vele gezondheidsvoordelen en kunnen iemands risico op kanker en hartziekten verminderen. Mannen die regelmatig tomaten en tomatenproducten eten, zoals tomatensaus en pizza, kunnen daarmee hun risico op prostaatkanker met 35 procent doen afnemen10.

- Waterkers
Voeg dit toe aan je middagsalade als je borstkanker hebt. Deze groente kan de tumorgroei stoppen. Uit onderzoek is gebleken dat reeds bij 80 gram waterkers per dag de signaalfunctie van een belangrijk eiwit van de tumorcellen verstoord wordt. Daardoor stopt de bloed- en zuurstoftoevoer vanuit het lichaam en kan de tumor niet meer groeien13.

- Broccoli
Dit is de koning aller groenten en hij biedt een scala aan gezondheidsvoordelen. Broccoli en andere kruisbloemige groenten zitten vol met zogeheten sulforafaan, dat het immuunsysteem versterkt. Sulforafaan keert de afname van de cellulaire immuunfunctie en zet de dendritische cellen aan tot activiteit, hetgeen eveneens de immuunfunctie ten goede komt, zo blijkt uit onderzoek14.

- Spruitjes
Deze kruisbloemige groente van het geslacht Brassica, net als broccoli, kan de uitzaaiing van kanker stoppen. Spruitjes zetten het lichaam aan tot productie van een stof genaamd I3C (indol-3-carbinol), die kanker bestrijdt en de ontwikkeling van nieuwe kankercellen blokkeert. Tot nu toe zijn alleen borstkankercellen getest, maar aangenomen wordt dat ook andere vormen van kanker ermee bestreden worden, zoals prostaatkanker, kanker van de lever of de dikke darm, en non-Hodgkin-lymfoom.
Bij laboratoriumonderzoek merkten de onderzoekers dat I3C de moleculen vernietigt die een rol spelen bij borstkanker. Ze vermoeden dat deze groenten wellicht ook een aantal symptomen van de ziekte van Alzheimer kunnen keren15.

- Zilvervliesrijst
Wie vaak rijst eet, hoeft waarschijnlijk alleen maar over te stappen op zilvervliesrijst om diabetes type 2 te voorkomen, zo blijkt uit onderzoek. Door die verandering neemt het risico althans met 16 procent af. Het keldert naar 36 procent als u tevens overstapt op brood en pasta van volkoren granen20.

- Zeewier
Deze vaak vergeten, onderschatte groente zal bij de meeste mensen niet snel op tafel komen. Dat is jammer, want het is een van de gezondste voedingsmiddelen die je maar kunt eten. Dat komt doordat het bol staat van de fucoidan, een gesulfeerde polysaccharide die kankercellen/tumorcellen doodt. In Jordanië is een extract van zeewier getest op non-Hodgkin-lymfoomcellen en daarbij bleek dat het extract de groei van het lymfoom remde terwijl de andere cellen met rust gelaten werden21. Houd er wel rekening mee dat zeewier erg veel zout bevat, zodat mensen met verhoogde bloeddruk er voorzichtig mee moeten zijn.

- Rabarbergebak
Maak als nagerecht een heerlijk zoetzuur gerecht met rabarber, in de vorm van gebak (uit de oven). In de traditionele Chinese geneeskunde zijn de kankerbestrijdende kwaliteiten van rabarber al lang bekend, maar in het Westen is uiteindelijk een eigen versie ontdekt: eentje die zowel traktatie als kankerbestrijder is: rabarbergebak uit de oven. Het blijkt namelijk dat rabarber na 20 minuten bakken polyfenolen vormt. Dat zijn krachtige stoffen tegen kanker, die de groei van kankercellen kunnen stoppen en zelfs kankercellen kunnen vernietigen22.



- Groene thee
Dit is de koning der theeën, vanwege zijn enorme scala aan gezonde eigenschappen. Het voorkomt mondkanker, zelfs bij diegenen die dit reeds in een premaligne stadium hebben, dus met afwijkingen in de mond met een zeer hoog risico dat deze ontaarden in kanker. In een onderzoek kregen 41 mensen met een dergelijk verhoogd risico een extract van groene thee. Van diegenen die de hoogste dosis kregen, ontwikkelde 58 procent de kanker niet, ten opzichte van 36 procent in de groep die de laagste dosis kreeg25.
Ook beschermt groene thee de ogen tegen ziekten, zoals glaucoom. De antioxidanten uit de thee dringen door tot in het oogweefsel, waar ze de lens en het netvlies sterker maken, zo blijkt uit onderzoek26.
Het meest bijzonder is nog wel dat groene thee een van de weinige effectieve middelen is tegen een vorm van kanker die gezien wordt als ongeneeslijk. De grootte van de lymfeknopen bij chronische lymfatische leukemie (CLL) slinkt door groene thee. Dat komt door het ingrediënt EGCG (epigallocatechine-3-gallaat, een polyfenol), althans dat vermoeden de onderzoekers die dat bij 31 CLL-patiënten getest hebben. Al deze patiënten kregen EGCG-extract in verschillende doseringen van 400 mg tot 2000 mg tweemaal daags. Zij die de hoogste dosering kregen, rapporteerden een substantiële reductie in de grootte van de lymfeknopen, en zonder bijwerkingen27.

- Zwarte thee
Maar voor wie zijn diabetes beter wil kunnen instellen, is zwarte thee beter. Bij een vergelijking met groene thee en oolong-thee bleek zwarte thee de gunstigste eigenschappen te hebben voor diabetici. Dat komt doordat daarin de meeste polysacchariden zitten en die hebben een glucoseremmende werking. Ook bleek zwarte thee de beste bestrijder van vrije radicalen. Die laatste hebben een sleutelrol bij de ontwikkeling van kanker en reumatoïde artritis28.
Wie drie tot zes koppen zwarte thee per dag drinkt, verlaagt tevens zijn risico op hartziekte met 45 procent ten opzichte van het drinken van slechts één kopje per dag. Maar bij meer dan zes koppen zakt het gunstige effect weer af: de bescherming bleek daarbij nog maar 36 procent te zijn29. Zwarte thee heeft ook een nadeel: door het looizuur worden mineralen als ijzer gebonden en dat is niet goed voor je gezondheid. Drink het dus met mate.
De polyfenolen uit thee maken ook onze botten sterker. Dat effect wordt al na korte tijd duidelijk als iemand drie koppen per dag gaat drinken, zo blijkt uit onderzoek30.

- Pure chocola
De flavanolen in pure chocolade – niet te verwarren met flavónolen – verbeteren de gezondheid van arteriën en kunnen daardoor een ‘significante’ verlaging geven van hoge bloeddruk ofwel hypertensie. Pure chocola is met name effectief bij mensen die reeds een verhoogde bloeddruk hebben. Wie vijf jaar lang een klein stuk pure chocolade per dag eet, verlaagt mogelijk ook zijn risico op een hartaanval en hartziekten met 20 procent37.
Door twee weken lang 40 gram (liefst suikervrije) pure chocola per dag te eten kunnen zelfs zeer gestresste personen verbetering brengen in hun tekenen van nervositeit38.

Vegetarisch of niet? Biologisch of niet?
Je kans op kanker is groter als je voornamelijk rood vlees eet, zo is aangetoond. Vegetariërs en mensen die voornamelijk vis eten hebben – ten opzichte van vleeseters – een veel grotere kans dat ze vrij van kanker blijven. Verrassend is echter dat kanker van de dikke darm en de einddarm juist onder vegetariërs meer voorkomt dan onder vleeseters.
Bij een groot onderzoek is ontdekt welke voordelen een voedingspatroon zonder vlees (vegetarisch of voornamelijk vis) heeft. Daarbij werden de gezondheid en het voedingspatroon van 52.700 mensen in kaart gebracht. Zij werden onderverdeeld in vleeseters, viseters, vegetariërs en veganisten. De meesten van hen aten de aanbevolen hoeveelheid van vijf porties groente en fruit per dag, waarvan wordt aangenomen dat deze de gezondheid in stand houdt.
Toch was het aantal gevallen van kanker onder de vegetariërs en de viseters significant lager dan onder de vleeseters, al was het hoge aantal gevallen van dikkedarmkanker onder vegetariërs verrassend. (Am J Clin Nutr, 2009 March 18; doi: 10.3945/ajcn.2009.26736L)

- Biologische voeding kopen is de extra investering waard, zo blijkt eveneens uit onderzoek. Biologisch geteelde Golden Delicious-appels bevatten bijvoorbeeld 15 procent meer antioxidanten en bioactieve stoffen dan dezelfde appels maar dan ‘gewoon’ geteeld. Bij het onderzoek – waarin gedurende drie jaar biologische voeding met niet-biologische werd vergeleken – bleek ook dit: biologische appels hebben een 10 procent hogere concentratie bioactieve stoffen waarvan meerdere gezonde eigenschappen bekend zijn, zoals bescherming tegen kanker en hartziekten. (J Agric Food Chem, 2009; 57: 4598-4605f)

Zo goed als een medicijn

Hoewel een voedingspatroon dat bestaat uit groenten, fruit en sappen al een buitengewoon goede manier is om ziekten te voorkomen, kunnen sommige voedingsmiddelen ziekte zelfs bestrijden. Vaak zijn ze even krachtig als een medicijn, maar dan zonder de bijwerkingen. Onderstaand een aantal voedingsmiddelen die bij bepaalde ziekten zo’n werking hebben.

• Ziekte van Alzheimer: spruitjes, schelpdieren, appelsap, olijfolie
• Astma: zwarte bessen
• Borstkanker: waterkers, spruitjes, broccoli, zeewier, rabarber
• Kanker: spruitjes, broccoli, zeewier, rabarber
• Colitis: bosbessen
• Dementie: spruitjes, broccoli, appelsap
• Onderdrukt immuunsysteem: broccoli, appels
• Diabetes (type 2): grapefruit, zwarte thee, bosbessensap
• Hartproblemen: watermeloen, eieren, bietensap, pure chocolade, druiven, amandelen, lijnzaad
• Hepatitis C: grapefruit
• Hoog cholesterol: eieren, amandelen, lijnzaad
• Hoge bloeddruk (hypertensie): watermeloen, bietensap, pure chocolade, druiven
• Nierstenen: citroenlimonade
• Leukemie (CLL): groene thee
• Non-Hodgkin-lymfoom: zeewier
• Prostaatkanker: granaatappelsap
• Stafylokokkeninfecties: cranberrysap
• Stress: walnoten, walnotenolie
• Urineweginfecties: cranberrysap

Liever niet eten of drinken
Iedereen weet wel dat een voedingspatroon op basis van wit brood en ander bewerkt voedsel aan de basis ligt van veel chronische ziekten van tegenwoordig. De redenen zijn als volgt.

- Bewerkte voedingsmiddelen veroorzaken hartziekten doordat ze een hoge glykemische index (GI) hebben. Daardoor krijgen de arteriën het een paar uur lang zwaar, vanwege de ontstane glucosepiek in het bloed. Bij onderzoek in Israël zijn bewerkte voedingsmiddelen getest op gezonde vrijwilligers, die cornflakes, suiker, zemelen of water kregen. Alleen diegenen die het water kregen, hadden daarna normale arteriën. De rest had nog een aantal uren een slechte arteriële functie.( 1 J Am Coll Cardiol, 2009; 53: 2283-2287)



- Coladrankjes als Coca-Cola en Pepsi kunnen diabetes en spierzwakte veroorzaken. Het kalium in het bloed daalt snel, hetgeen tot ernstige spierproblemen kan leiden. In Griekenland is bij onderzoek ontdekt dat wie buitengewoon veel cola dronk, zelfs verlamd kon raken. De verlamming genas weliswaar geheel door het stoppen met drinken van de cola. Een van de mensen bij wie dit gebeurde, dronk 2-9 liter per dag, merkten de onderzoekers op, hetgeen natuurlijk een extreme hoeveelheid is. (Int J Clin Pract, 2009; 63: 900-902)

- Alle soorten vlees vooral rood vlees en bewerkt vlees kunnen – indien in grote hoeveelheden geconsumeerd – het risico op kanker en voortijdig overlijden vergroten. Uit een enquête onder 47.976 mannen en 23.276 vrouwen bleken onder diegenen die hoorden bij de 20 procent grootste roodvleeseters – 62,5 g/1000 calorieën vlees per dag – veel meer mensen voortijdig aan allerlei oorzaken te overlijden dan onder diegenen die in de 20 procent minste roodvleesconsumptie vielen. Als je echt niet zonder vlees kunt, stap dan over op wit vlees als kip, zeggen de onderzoekers

Consumenten misleiden

De trucjes van de voedselindustrie

Hoe voedselfabrikanten consumenten om de tuin leiden met misleidende ingrediëntenlijsten

Als op het voedingswaarde-etiket op de verpakking alle ingrediënten van een product genoemd worden, hoe kan men dan alsnog klanten misleiden? Hieronder een paar van de meest gebruikte manieren:

Eén van de meest gebruikte trucjes is het verspreiden van suikers over verschillende ingrediënten zodat ze niet in de top 3 voorkomen.

Een fabrikant kan bijvoorbeeld een combinatie van sucrose, glucosestroop, bruine suiker, dextrose en andere suikers gebruiken zodat ze geen van allen genoeg voorkomen om een toppositie in de ingrediëntenlijst te verkrijgen. De ingrediënten staan namelijk gerangschikt op hun aandeel in het product, met het meest gebruikte ingrediënt bovenaan.

Op deze manier wordt de consument wijsgemaakt dat er niet veel suiker in het product zou zitten terwijl de meeste ingrediënten eigenlijk allemaal verschillende soorten suikers kunnen zijn. Het is een kunstmatige manier om suiker lager op de ingrediëntenlijst te zetten en consumenten te misleiden over het suikergehalte van het gehele product.

Een ander trucje is het opvullen van de lijst met kleine hoeveelheden mooi klinkende ingrediënten. Dit gebeurt ook in persoonlijke verzorgingsproducten en shampoo, waarbij bedrijven beweren dat ze kruidenshampoos verkopen terwijl er eigenlijk geen kruiden in zitten. In de voedingsmiddelenindustrie worden ingredientenlijsten verfraaid met gezond klinkende bessen, kruiden of krachtvoer wat er vaak alleen in miniscule hoeveelheden in

voorkomt. Als spirulina1 op de ingrediëntenlijst staat wil dat nog niets zeggen; er zit niet genoeg van in het product om enig merkbaar effect op de gezondheid te hebben. Dit trucje heet “label padding” (“etiket versieren”) en wordt vaak gebruikt door junk food-fabrikanten die zonder dat ze gezonde voeding maken toch met de gezondheids-hype mee willen doen.

Het verstoppen van gevaarlijke ingrediënten

Een derde trucje is het verstoppen van gevaarlijke ingrediënten achter onschuldig klinkende namen die voor consumenten veilig lijken. Het zeer kankerverwekkende ingrediënt natriumnitraat klinkt bijvoorbeeld heel onschuldig, maar is een bewezen veroorzaker van hersentumoren, alvleesklierkanker, darmkanker en vele andere soorten kanker (zoek in Google Scholar naar natriumnitraat voor een lange lijst aan ondersteunend onderzoek).

Karmijn klinkt als een onschuldige kleurstof maar wordt gemaakt van geplette schildluizen. Niemand zou uiteraard nog aardbeienyoghurt eten als er “rode kleurstof op basis van insecten” op het label stond, dus in plaats daarvan noemen ze het gewoon “karmijn”.

Ook biergistextract klinkt als een veilig ingrediënt, maar is eigenlijk een manier om ve-tsin (een chemische smaakversterker in veelvuldig verwerkte etenswaren) te verbergen, zonder het op het etiket te hoeven zetten.

Heel veel ingrediënten bevatten verborgen ve-tsin en ik heb daar veelvuldig over geschreven op deze site.2 Eigenlijk alle gehydrolyseerde en geautolyseerde ingredienten bevatten een hoeveelheid verborgen ve-tsin.

Laat je niet misleiden door de productnaam

Wist je dat de naam van een voedingsmiddel vaak niets te maken heeft met wat er in zit? Voedselfabrikanten van grote merken maken bijvoorbeeld producten zoals “Guacamole Dip” waar geen avocado in zit! In plaats daarvan is het gemaakt van gehydreerde soja-olie en kunstmatige groene kleurstoffen. Maar naïeve klanten blijven deze producten kopen, denkende dat ze avocadodip krijgen terwijl ze eigenlijk groengekleurd, lekker smakend voedzaam vergif kopen.

In de naam van een voedingsmiddel kan een ingrediënt voorkomen wat helemaal niet in het product zit. In een “kaas”cracker zit bijvoorbeeld geen kaas. Een “romig” product hoeft geen room te bevatten. In een “fruit” -product hoeft nog geen klein beetje fruit te zitten. Laat je niet voor de gek houden door productnamen op de verpakking. Deze namen zijn er om producten te verkopen, niet om duidelijkheid over de ingredienten te verschaffen.

Ingrediëntenlijsten vermelden geen vervuilende stoffen Ingrediëntenlijsten hoeven geen chemisch verontreinigende stoffen, zware metalen, bisfenol A3, polychloorbifenyl4, perchloraat5 of andere giftige middelen die in het product zitten te benoemen.

Als gevolg daarvan staat er op de ingrediëntenlijsten niet wat er echt in het eten zit, maar wat de producent wil dat jij denkt dat er in het eten zit.

Dat is natuurlijk met opzet zo. De eisen voor het vermelden van ingrediënten zijn zowel door de regering als door de private sector (lees: voedselfabrikanten) opgesteld. In het begin wilden voedselfabrikanten helemaal geen verplichting om hun ingrediënten te vermelden. Ze claimden dat de ingrediënten “eigendomsrecht” waren en dat het vermelden van hun geheime bedrijfsrecepten het einde voor hun bedrijf zou inluiden. Dat is natuurlijk onzin, omdat de fabrikanten vooral willen dat consumenten niet weten wat er echt in hun producten zit. Daarom is er nog steeds geen eis wat betreft de vermelding van verschillende chemische bestrijdingsmiddelen, pesticiden, zware metalen en andere stoffen die een directe en substantiele impact op de gezondheid van de consument hebben. (Voedselfabrikanten hebben ook jarenlang hard gevochten tegen de vermelding van transvetzuren, en pas na massaal publiek protest door consumenten die begaan waren met hun gezondheid dwong de FDA de voedselfabrikanten om transvetzuren op het label te vermelden).

De portiegrootte manipuleren

Voedselfabrikanten hebben ook ontdekt hoe ze hun portiegroottes kunnen manipuleren zodat het lijkt alsof er geen schadelijke ingrediënten, zoals transvetzuren, in hun producten zitten. De FDA (6) vond namelijk een uitweg voor het vermelden van transvetzuren op het label: Op elk voedingsmiddel met 0,5 gram transvetzuren per portie of minder mag men vermelden dat er GEEN transvetzuren in voorkomen. Zie hier de logica van de FDA, waarbij 0,5 = 0. Maar dat zijn niet de enige fratsen die de FDA uithaalt om de commerciële interesses te beschermen van de industrie die ze claimen te regulariseren.

Bedrijven buiten deze marge van 0,5 gram uit door de portiegroottes van hun producten extreem te verkleinen – net genoeg om de transvetzuren tot 0,5 gram per portie te reduceren. Dan kunnen ze luid en duidelijk “GEEN transvetzuren!” op de verpakking zetten. In werkelijkheid kan het product dan alsnog vol zitten met transvetzuren (uit gehydrateerde oliën), maar het gewicht van de portiegrootte is dan net genoeg om een eekhoorn mee te voeden.

Als je een product uit de winkel pakt en het “aantal porties” uit de productinformatie bekijkt, vind je waarschijnlijk een belachelijk hoog nummer wat niets met de werkelijkheid te maken heeft. Een koekjesfabrikant kan bijvoorbeeld zeggen dat één koekje een “portie” koekjes is. Maar wie eet er nu maar één koekje? Als één koekje 0,5 gram transvetzuren bevat, kan een fabrikant beweren dat een pak koekjes “vrij van transvetzuren!” is. De werkelijkheid is echter anders; als er 30 koekjes in het pak zitten met ieder 0,5 gram transvetzuren is het totaal aantal transvetzuren 15 gram (maar dat zou betekenen dat mensen kunnen rekenen wat ons natuurlijk moeilijker wordt gemaakt omdat gehydrateerde oliën onze hersenen aantasten.

Geloof me maar: 30 koekjes x 0,5 gram per koekje is bij elkaar toch echt 15 gram).

Op deze manier maak je een pak koekjes met 15 gram transvet (een enorme hoeveelheid voedselvergif) terwijl je toch kunt zeggen dat er niks in zit. Dit is alweer een voorbeeld van hoe voedselfabrikanten de productinformatie en ingredientënlijsten gebruiken om hun klanten te misleiden in plaats van te informeren.

Tips bij het lezen van de ingrediëntenlabels

1. Onthoud dat de ingrediënten gerangschikt zijn op hun aandeel in het product. Dat betekent dat de eerste drie ingredienten belangrijker zijn dan de rest. Je eet vooral deze ingrediënten.

2. Als er op de ingrediëntenlijst lange, chemisch-klinkende woorden staan die je niet uit kunt spreken, kun je die items het beste vermijden. Waarschijnlijk gaat het dan om verschillende giftige stoffen. Waarom zou je dat willen eten? Beperk je tot de ingrediënten die je herkent.

3. Laat je niet voor de gek houden door interessant klinkende kruiden of andere ingrediënten die onderaan de lijst staan. Een voedselfabrikant die “goji bessen” aan het eind van de lijst zet doet dat waarschijnlijk alleen als marketingtruc. Het echte aandeel goji bessen is dan te verwaarlozen.

4. Onthoud dat chemische bestrijdingsmiddelen niet op de ingrediëntenlijst hoeven te staan. Voedsel kan besmet zijn met pesticiden, chemicaliën, acrylamiden7, perfluoroctaanzuur8, perchloraat (raketbrandstof) en andere giftige chemicaliën zonder dat dat vermeld wordt.* De beste manier om zo weinig mogelijk giftige stoffen binnen te krijgen is om biologisch of vers niet-verwerkt voedsel te kopen.

5. Zoek naar woorden als “gekiemd” of “ongekookt” voor voedsel van een betere kwaliteit. Gekiemde granen en zaden zijn veel gezonder dan niet gekiemde. Ongekookte ingrediënten zijn over het algemeen gezonder dan verwerkte of gekookte ingrediënten. Meergranen zijn gezonder dan “verrijkte” granen.

6. Laat je niet misleiden door “tarwebloem”. Alle bloem die van tarwe gemaakt is kan tarwebloem genoemd worden, zelfs als het verwerkt en gebleekt is en alle voedingsstoffen er uit zijn gehaald. Alleen “meergranen tarwebloem” is een gezonde vorm van tarwebloem. (Veel consumenten denken dat alle “tarwebloem”-producten meergranen producten zijn. Dat is niet waar. Voedselfabrikanten kunnen consumenten makkelijk misleiden met dit trucje.)

7. Denk niet dat bruine producten altijd gezonder zijn dan witte. Bruine suiker is nep – dat is gewoon witte suiker met bruine kleur- en smaakstoffen. Bruine eieren verschillen niet van witte (behalve dan dat hun schil er anders uit ziet). Bruin brood is ook niet altijd gezonder dan witbrood, behalve wanneer het meergranenbrood is. Laat je niet voor de gek houden door “bruin” voedsel. Dat is gewoon een trucje van de voedselfabrikanten om de consument meer te laten betalen voor verwerkte producten.

8. Kijk uit voor bedrieglijk kleine porties. Voedselfabrikanten gebruiken dit trucje om het aantal calorieën, suiker en vet in een product te verlagen. Veel portiegroottes zijn willekeurig en komen niet overeen met de werkelijkheid.

9. Wil je weten hoe je het beste boodschappen kunt doen? Download dan onze gratis Eerlijke Voedselgids, de eerlijke referentie naar voedsel die al meer dan 800,000 keer gedownload is. Het is een vervanging voor de corrupte en gemanipuleerde Voedselgids Piramide*9 van de USDA, wat niet meer is dan een marketingdocument voor de zuivel- en voedingsmiddelenindustrie. De Eerlijke Voedselgids is een onafhankelijke, voedings-sound naslagwerk waarin precies staat wat je wel en niet moet eten om je gezondheid op peil te houden.

donderdag 21 juli 2011

Vers voor je kids koken, zorgt dat ze later gezond eten

Vers voor je kids koken, zorgt dat ze later gezond eten

Kook vooral vers voor je kids, dan zullen ze later een struk gezonder eten. Want baby’s die vers bereide papjes en maaltijden krijgen, zullen gemakkelijker fruit en groenten eten als ze ouder worden. Baby’s die met huisgemaakte papjes worden grootgebracht, ontwikkelen een smaak voor wat goed is voor hen tegen de leeftijd van zeven jaar. Dat blijkt uit een onderzoek van Britse wetenschappers.

Kokkerelen dus! Onderzoekers van de Universiteiten van Leicester, Bristol en Birmingham bestudeerden de gegevens van 7.866 moeders van kinderen die werden geboren in 1991 en 1992. Daaruit bleek dat jongeren die als baby op regelmatige basis verse groenten en fruit kregen voorgeschoteld, op de leeftijd van zeven jaar gemakkelijker grotere hoeveelheden fruit en groenten aten dan zij die minder vaak vers voedsel te zien kregen.

Bij kinderen die vooral voorverpakte papjes te eten kregen, werden die positieve effecten niet vastgesteld. Dokter helen Coulthard stelt dat moeders hun kind dagelijks een verse maaltijd zouden moeten voorschotelen. “Het soort voedsel dat jonge kinderen eten wordt steeds zorgwekkender”, vindt ze. “Kinderen blijken de aanbevolen hoeveelheden fruit en groenten niet meer te halen. Voorverpakt babyvoedsel heeft vaak een soortgelijke smaak en structuur, terwijl huisgemaakte papjes zullen variëren naargelang het fruit of de groenten die werden gebruikt. Deze variatie verbreedt het smaakpalet van jonge kinderen, waardoor ze ook op latere leeftijd een breder gamma aan voedsel zullen weten te smaken”, concludeert Coulthard nog.

zondag 17 juli 2011

Snijplank bevat vijftig keer meer bacteriën dan wc-bril

Achter het stuur eten kan je op meer dan één manier doden, onthullen experts. Bacteriën als stafylokokken op het stuur kunnen namelijk een voedselvergiftigng.

Versnellingspoken, sturen en deurklinken bevatten tal van schadelijke bacteriën als stafylokokken. De meeste zijn ongevaarlijk, maar de meest schadelijke kunnen zich schuilhouden op verrassende plaatsen, daarom een lijstje waar je deze vindt en hoe je ze vermijdt.

Snijplank
De gemiddelde snijplank bevat 50 keer meer bacteriën dan een toiletbril, dat ontdekte de Britse gezondheidsraad. Eens er putjes en groeven in de plank zitten, is het moeilijker dit te poetsen, waarschuwen experts. Daarom raden ze aan dit te reinigen en desinfecteren elke keer nadat je dit gebruikte. Vervang de plank wanneer de schade aan het oppervlak het poetswerk bemoeilijkt.

Matras
We scheiden elke nacht meer dan 236 millimeter vocht af, wat de perfecte omgeving vormt huisstofmijten, aldus de gezondheidsraad. Ook de dode huidcellen die we produceren is voeding voor deze beestjes. Het gemiddelde bed bevat er meer dan 10.000, wat leidt tot meer dan twee miljoen uitwerpselen die hooikoorts, astma en eczeem kunnen veroorzaken. Daarom is het nodig je matras elke acht tot tien jaar te vervangen.

Lakens
Een onderzoek toont aan dat sommige bedlakens dode en levende huisstofmijten, maar ook hun huidschalen, eitjes, pollen en vlekken van lichaamssappen bevatten. Er zit in elk laken sporen van allergenen van huisstofmijten, bacteriën en schimmels. Daarom is het nodig je lakens elke week te wassen en het donsdeken om de zes maanden.

Keukenhanddoek
"Als je je handen afveegt aan een keukenhanddoek nadat je rauw vlees aanraakte, verspreidt dit bacteriën op de handdoek", aldus microbioloog Anthony Cooke. "Als je hiermee dan een bord afdroogt, komen de bacteriën hierop terecht. De sporen van ontbindend voedsel, als ook het vocht, maken dat de bacteriën zich kunnen vermenigvuldigen. Daarom is het nodig de handdoeken dagelijks te wassen op een minimumtemperatuur van 60 graden."

Badhanddoek
Infecties en zeker huidproblemen kunnen zich makkelijk verspreiden op badhanddoeken. Meer dan de helft van de bevolking draagt stafylokokken op zijn huid, dit is schadelijk wanneer het in een wond terechtkomt", aldus professor Sally Bloomfield. Om dit te vermijden was je best je handdoeken wekelijks op een minimumtemperatuur van 60 graden.

Haarborstel
"Een haarfollikel van 1mm kan 50.000 beestjes huisvesten, je haarborstel draagt hieraan toe. Dee bevatten namelijk vaak resten van haarproducten als mousses of sprays, die zijn kleverig en trekken vuil aan", zegt haarwetenschapper Marilyn Sherlock. "Daarom kan het helpen je haarborstel wekelijks in warm water met zeep te wassen. Als je deze beschadigd is, smijt je hem beter weg." (ep)

maandag 11 juli 2011

Vlaanderen op weg naar duurzaam voedselsysteem in 2050

Vlaanderen op weg naar duurzaam voedselsysteem in 2050

Verstuur naar een vriend(in) Afdrukken

In april van dit jaar keurde de Vlaamse regering de vernieuwde Vlaamse Strategie Duurzame Ontwikkeling (VSDO) goed. De afdeling Monitoring en Studie onderzocht wat dit impliceert voor landbouw en visserij. "Structurele veranderingen van het voedselsysteem zijn nodig", zegt beleidsondersteuner Dirk Vervloet, "maar de huidige beleidsacties kunnen in die transitie geïntegreerd worden."


Vlaanderen op weg naar duurzaam voedselsysteem in 2050

zaterdag 9 juli 2011

Duurzaam is: nu even geen appels eten

Duurzaam leven hoeft niet iets vaags en zweve­rigs te zijn. Dat is het bij de amish ook niet. Maar het vraagt wél om in de supermarkt even wat langer na te denken, stelt promovenda Martine Vonk. „Hoe heeft die anonieme kip geleefd?”

Appels eet Martine Vonk deze weken niet. Ze zijn er natuurlijk wel; er liggen zelfs appels met een keurmerk uit Nieuw-Zeeland in de schappen van de supermarkt, zo heeft ze gezien. „Maar die moeten dus van de andere kant van de wereld komen. Dat wil ik niet.”

Tenminste, dat is het idee. Ze lacht een beetje verontschuldigend. „Mijn man doet de boodschappen en we verschillen wel eens van mening hierover. Soms neemt hij ze toch mee. Dan zeg ik: Joh, lieverd, het is niet de tijd van appels! Dat weet hij zelf ook wel, want hij werkt in de natuur. Maar het is zo makkelijk: je bent in de winkel en je werkt je lijstje af. Dat is vaak het probleem. Veel mensen doen hun boodschappen uit gewoonte zonder na te denken over iets als milieudruk.”

Dat het ook anders kan, zag ze de achterliggende jaren bij verschillende christelijke geloofsgemeenschappen. Ze onderzocht er vier op hun kwaliteit van leven en hoe die kwaliteit samenhangt met duurzaamheid. Onlangs promoveerde ze daarop (zie kader).

Haar onderzoeksobjecten werden twee protestantse gemeenschappen –de amish en de hutterieten– en twee rooms-katholieke kloosterordes –de franciscanen en de benedictijnen–, alle vier eeuwenoud en alle vier voor een belangrijk deel zelfvoorzienend. „Dus eten ze vanzelf wat het seizoen te bieden heeft”, constateert Vonk. „En anders maken ze hun voedsel in. Er wordt heel wat geweckt bij deze mensen.”

Duurzaamheid is in; de aandacht krijgt in het Westen soms zelfs trekjes van een hype. Zo niet in de gemeenschappen die Vonk onderzocht. Die mogen dan wel duurzaam zijn, maar de leden maken daar geen heisa van – ze gaan gewoon hun eeuwen­oude gang.

Ze doen het ook niet eens voor het milieu, merkte Vonk. „Neem de hutterieten in Noord-Amerika, een mennonitische geloofsgemeenschap die oorspronkelijk uit het Oost-Europese Moravië komt. Zij gebruiken vaak geen bestrijdingsmiddelen voor de groentes die ze zelf eten. Dat doen ze om gezondheidsredenen. Pas in tweede instantie, als je ernaar vraagt, zeggen ze: Ja, het is ook beter voor de aarde. Zo kom je bij een van mijn conclusies: als je duurzaamheid wilt bevorderen, werkt het niet om te focussen op milieu­aspecten. Veel mensen vinden hun gezondheid veel belangrijker. Dan moet je bij dat soort waarden aansluiting proberen te zoeken. Ik denk dat iedereen er goed aan doet simpelweg te erkennen dat het milieu er niet goed voor staat. Uiteindelijk slaat dat ook terug op je eigen kwaliteit van leven.”

Maar dat duurt heel lang. Kan dat een westerse consument overtuigen die vooral zelf niets tekort wil komen?

„Tsja, dan komt het op de moraal aan. Hoe erg vind je het als er over twintig jaar geen ijsbeer meer is?” Ze zwijgt even. „Je kunt zeggen: Dat doet me niet zo veel.” Ze zwijgt weer, kijkt erbij alsof het een idiote mogelijkheid is. Zegt dan: „Ja. Dat kan.”

In de aanbevelingen die voortvloeien uit haar onderzoek volgt Vonk twee sporen. Het eerste is een spoor voor iedereen, met een focus op gezondheid en de kwaliteit van leven. Het tweede is een spoor voor christenen, omdat de laatsten op andere dingen aanspreekbaar zijn. „Ik daag christenen uit om eens in de Bijbel op te zoeken wat er staat over de aarde, die van God is. Die gedachte komt in de hele Bijbel terug. In Leviticus staan bijvoorbeeld voorschriften hoe Israël moest omgaan met de randen van de akkers en wanneer de grond braak moest blijven liggen. De aarde mag niet uitgeput worden door onze hebzucht, is de idee daarachter.

Ook in het Nieuwe Testament zijn veel principes over de omgang met geld en goederen terug te vinden, bijvoorbeeld als het gaat over de mammon. Te veel aandacht voor materiële zaken staat een spiritueel leven in de weg, zo blijkt steeds weer. Ik denk dat we ons hier in de kerk veel meer op zouden moeten bezinnen. De gereformeerde gezindte loopt niet voorop in deze thema’s, alsof het een soort taboe is hoeveel geld we hebben en hoe we het besteden.”

Hoe komt dat? Gaat de aandacht eenzijdig naar de ziel uit en doet de rest er minder toe?

„Dat denk ik wel, alsof het alleen om de zielen gaat die hun bestemming in de hemel hebben, en de aarde op het tweede plan komt.

En als er dan toch over de aarde gesproken wordt, valt op dat er vanouds in de gereformeerde gezindte heel veel aandacht is uitgegaan naar hard werken, naar het ontginnen en ontwikkelen van de aarde. Dat is op zich goed, alleen zijn we daarin te ver gegaan. De milieudruk is te hoog geworden. De gedachte om de aarde te onderwerpen, zit er heel stevig in, die van het bewaren minder.

Ik heb boeren gesproken die rentmeesterschap heel belangrijk vinden, maar voor hen be­tekent dat allereerst dat ze brood op de plank hebben, dat ze voor hun gezin kunnen zorgen. Rentmeesterschap krijgt dan te veel te maken met de aarde ontwikkelen en te weinig met natuurbeheer.”

Duurzaamheid heeft zo bezien alles te maken met de gehanteerde theologie.

„Op sommige punten denk ik in de lijn van de bekende Britse nieuwtestamenticus N. T. Wright. Hij stelt vragen die me erg bezighouden. Wat betekent het voor de schepping dat niet alleen de mens, maar de hele kosmos met Christus verzoend is, zoals uit onder meer de brief van Paulus aan de Kolossensen blijkt?

Dat soort passages heeft me bewust gemaakt van het feit dat in ons denken heel veel Griekse invloeden aan te wijzen zijn. In het Griekse denken werd de godenwereld onderscheiden van de wereld van de mens. En die wereld werd weer onderscheiden van de wereld van de natuur, die er alleen ten nutte van de mens is.

Maar ik denk dat de schepping óók ter ere van God gemaakt is. God zag dat het goed was. Misschien hebben we wel te weinig bescheiden van onszelf gedacht door ons als mensen zo op de voorgrond te plaatsen in de schepping, met het idee dat we de aarde naar onze hand kunnen zetten. Maar dat idee is niet goed. Het besef dat alles maakbaar is, klopt simpelweg niet. Ik ben blij dat ik dat besef als kind op de boerderij al heb meegekregen.”

Toch is precies dat laatste het verwijt in de richting van linkse clubs die veel aandacht hebben voor het milieu: ze doen net of de aarde maakbaar is.

„Ja, dat hoor je inderdaad regelmatig. Maar noch de maakbaarheidsidee, noch alle kritiek op aandacht voor het milieu is terecht. Er zijn inderdaad processen waar je als mens geen invloed op hebt, maar je kunt er ook voor kiezen te kijken naar het stukje waar je wél invloed op kunt uitoefenen. Toch gebeurt ook dat te weinig. We zijn met z’n allen over de grens gegaan van wat de aarde aankan, ook als christenen.

Mensen die daar kritisch over waren, kwamen tot nu toe bijna altijd uit de linkse hoek en werden door de kerk wantrouwend bekeken.”

Op dit punt zondigen we dus collectief?

Ze aarzelt even. Dan: „Ja, uiteindelijk wel. Ik weet ook wel dat er sprake is van uitbuitende systemen, maar jij en ik maken daar wel deel van uit en op ons eigen niveau kunnen we keuzes maken, bijvoorbeeld om groenten niet te bespuiten of fairtradekoffie te kopen. Zelfs de HEMA heeft tegenwoordig heel veel kindershirtjes die voor 95 procent uit organisch geproduceerd katoen zijn gemaakt. Voor wie wil, is er vandaag echt heel veel mogelijk.”

Het christendom heeft zelf bijgedragen aan die zonde, is de prikkelende en veelbesproken stelling van de Amerikaanse historicus Lynn White (1907-1987). Hij concludeert dat de wortels van de ecologische crisis ten diepste religieus zijn, omdat de gehanteerde christelijke theologie in het Westen gezorgd heeft voor een on­gebreideld geloof in voor­uitgang en ontwikkeling van de aarde.

Vonk gaat in haar proefschrift uitgebreid op die stelling in. Ze gelooft net als White dat een oplossing voor de ecologische crisis er niet zal komen zonder de onderliggende religieuze waarden daarbij te betrekken. Maar ze denkt niet dat de Bijbelse leer alleen maar negatief heeft gewerkt, zoals White poneert. „Juist daarom ben ik op zoek gegaan naar westerse gemeenschappen met joods-christelijke wortels die wél een lage milieudruk hebben. En die zijn er gelukkig ook, zo blijkt uit mijn onderzoek onder de amish en drie andere gemeenschappen.”

Maar dat zijn allemaal ouderwetse groeperingen. Dat klinkt alsof alleen een leven van overgrootvader en -moeder een oplossing biedt. Moet iedereen weer zijn eigen kippetjes in de achtertuin hebben om duurzaam te kunnen zijn?

Ze lacht. „Wij hebben inderdaad kippetjes in onze achtertuin. Mijn man wilde niet langer een anonieme kipfilet in de supermarkt kopen. Als vlees eten betekent dat dieren dood­gemaakt worden, wilde hij het hele verhaal zelf meemaken.”

Dus iedereen moet terug naar vroeger.

„Nee, niet iedereen hoeft zijn eigen kippen en zijn eigen groente te verbouwen. Er zijn ook tussenwegen te vinden. Dat begint al bij de vraag hoe de kip geleefd heeft die je in de supermarkt koopt.”

Dat is een spannende vraag. Gaan kippenboeren die intensief kippen houden te ver?

„Zij gaan volgens mij inderdaad een grens over. Intensieve veehouderij heeft de toekomst niet. We eten nu kuikens van 38 tot 41 dagen oud. Ouder kan niet, want dan zakken ze door hun poten. Dat is niet erg natuurlijk meer. Datzelfde geldt voor de manier waarop veel boeren tegenwoordig hun land bewerken. Mede daardoor is de populatie van bijvoorbeeld de leeuwerik met 95 procent achteruitgegaan.”

Ze is opnieuw even stil, herhaalt dan het percentage. „Vijf-en-negentig procent! We zullen dit soort dingen echt moeten onderkennen, of we nu willen of niet.”

Ecologisch, biologisch, fair trade... Help!

Wie zelf wil leven op een meer duurzame manier, loopt kans door de bomen het bos niet meer te zien. Wat is nu beter voor de kip: scharreleieren, eieren met omega 3-zuren, vrije-uitloopeieren of biologische eieren? En wat moet de voorrang krijgen als je kunt kiezen tussen koffie waarvoor de boer een eerlijke prijs krijgt en 
koffie die zonder bestrijdingsmiddelen is geproduceerd?

„Het meest duurzaam is eten van dichtbij, van het seizoen en zo duurzaam mogelijk geproduceerd”, is het antwoord van Martine Vonk op die vragen. Wie nu boontjes van eigen bodem eet, voldoet al aan de eerste twee aspecten. Voor het derde aspect, een duurzame productie­wijze, zijn er allerlei keurmerken, waarvan het belangrijkste het EKO-keurmerk is.

Consumenten die voor het eerst willen nadenken over hoe duurzaam ze kopen, raadt ze aan te beginnen met één product.

Martine Vonk (1974) groeide op als boerendochter in een Gereformeerde Bondsgezin in Goudriaan. In Nijmegen studeerde ze sociaalwetenschappelijke milieukunde, waarvoor ze onderzoek deed naar de houding van boeren ten opzichte van agrarisch natuur­beheer.

Al tijdens haar studie ging ze werken voor het christelijk jongerenproject Time to Turn, dat veel aandacht heeft voor thema’s als milieu en armoede. Ook voor diverse andere organisaties hield ze zich met deze onderwerpen bezig. Bij de laatstgehouden Tweede Kamerverkiezingen was ze kandidaat voor de ChristenUnie.

In 2002 startte ze haar promotie­onderzoek aan de Vrije Universiteit in Amsterdam naar de verhouding tussen levensbeschouwing, duurzaamheid en kwaliteit van leven. Voor dat onderzoek woonde ze onder meer een tijdje in een amishgemeenschap in de Verenigde Staten. Daarnaast onderzocht ze hoe eeuwenoude gemeenschappen als de hutterieten en franciscaanse en benedictijner kloosterordes handen en voeten geven aan een duurzaam leven.

Vorige maand promoveerde ze op dit onderwerp aan de VU. Haar proefschrift (”Sustainability and Quality of Life”) is uitgegeven bij Buijten & Schipperheijn in Amsterdam.

Martine Vonk woont in Vianen, is getrouwd met Klaas-Hemke van Meekeren en heeft een dochter.

"Zachtfruit is één van de meest beschermende voedingsmiddelen"

Studies hebben aangetoond dat 'berries' (zachtfruit: bessen, frambozen, bramen, aardbeien) een grote impact hebben op de gezondheid en kan strijden tegen ziektes zoals kanker, hart- en vaatziekten, diabetes en mentale achteruitgang. Dit werd gepresenteerd tijdens het Berry Health Benefits Symposium eind juni door een groep wetenschappers.



Een voorbeeld is het onderzoek van Lynn Adams van het Beckman Research Institute. Zij geven aan dat blauwebessensap het ontwikkelen van kankercellen kan tegengaan. In de studie van Harini Aiyer blijkt dat na het eten van aardbeien, blauwe bessen en bramen de kans op borstkanker erg verlaagd wordt.

"Onderzoeken als deze hebben grote invloed op het vlak van volksgezondheid, vertelt Gary Stoner van het Medical College van Winconsin. "Uit al deze onderzoeken blijkt dat de verschillende 'berries' een van de meest beschermende voedingsmiddelen in de wereld zijn." Het Berry Health Benefits Symposium is het enige evenement dat zich toelegt op het samenbrengen van onderzoekers wereldwijd op het gebied van bessen en gezondheid. Het initiatief is gesponsord door alle grote 'berry-organisaties' in de VS en de bedoeling hiervan is om te laten zien welke positieve invloed zachtfruit heeft op de gezondheid.

woensdag 6 juli 2011

Voedingstoffen

Sportieve voeding

Koolhydraten
Het is belangrijk als sporter voldoende energie op te nemen in de vorm van koolhydraten. De koolhydraten worden in het lichaam omgezet en opgeslagen als glycogeen. Glycogeen gebruik je bij inspanning als brandstof voor je spieren. Wie vegetarisch eet krijgt doorgaans genoeg koolhydraten binnen in de vorm van brood, granen, peulvruchten, pasta's en aardappelen. Vind je het moeilijk om voldoende voedsel op te nemen om op gewicht te blijven, denk dan ook eens aan meer geconcentreerde voedingsmiddelen; bijvoorbeeld gedroogd fruit in plaats van vers fruit.

Voedingsvezel
Volkorenproducten, peulvruchten, groenten en fruit maken de vegetarische voeding rijk aan voedingsvezel. Voedingsvezels zijn onverteerbare bestanddelen, die goed zijn voor de darmwerking. Wel zorgt veel voedingsvezel ervoor dat de te consumeren hoeveelheid eten groter is dan bij een vezelarme voeding die evenveel energie levert. Om toch genoeg calorieën op te nemen is het van belang meerdere maaltijden verdeeld over de dag te gebruiken. (Topsporters nemen gemiddeld 35 à 40% van de calorieën op in de vorm van tussendoortjes.)

Eiwitten
De eiwitbehoefte van sporters is hoger dan gemiddeld, omdat het lichaam meer spierweefsel en daardoor een hogere eiwitstofwisseling heeft. Met name bij het begin van de training, als het lichaam veel spiermassa vormt, moet je wat meer eiwitten opnemen. Dit kan door bij elke maaltijd verschillende eiwitrijke producten te gebruiken, zoals granen, peulvruchten, zuivelproducten, noten, ei, tofu en tempeh. In het algemeen zal er bij een gevarieerde voeding die voldoende energie bevat, niet snel een tekort aan eiwit ontstaan.

Vet
Net als bij de doorsnee voeding, is het verstandig ook bij de sportvoeding niet te veel vet te gebruiken. Onder andere omdat de opname van vet ten koste gaat van die van koolhydraten. Gebruik daarom zoveel mogelijk halfvolle of magere zuivel(producten), besmeer brood dun met boter of halvarine en eet niet te veel vette tussendoortjes. Dus liever een boterham of fruit dan gevulde koeken tussendoor.

Vitamines
Voor sporters zijn met name B-vitamines, vitamine C en vitamine E belangrijk. B-vitamines spelen een rol bij de energiestofwisseling. De behoefte aan B1, B2 en nicotinezuur is afhankelijk van de totale energieopname. De aanbeveling is 70 mg vitamine C per dag op te nemen. Eet dan ook voldoende (verse) groenten en fruit. Vitamine E gaat vernietiging door oxidatie tegen van de vitamines A en C en van onverzadigde vetzuren. Mogelijk heeft het een zuurstofsparend effect. Vitamine E zit voornamelijk in graanproducten, eieren en in sommige plantaardige oliën en vetten. Een extra dosis vitamine E heeft geen bewezen effect. In het algemeen zul je met een gevarieerde voeding die voldoende energie bevat, ook voldoende vitamines opnemen. Extra vitaminepreparaten zijn bij een goede voeding overbodig.

Mineralen
De belangrijkste mineralen om rekening mee te houden zijn ijzer, calcium en zink. IJzer speelt een rol bij het zuurstoftransport in het bloed. Aanbevolen wordt om 10 tot 15 mg per dag op te nemen. IJzer zit vooral in peulvruchten, volkorengraanproducten, groene bladgroenten en stroop. Vitamine C-rijke producten verbeteren de opname van plantaardig ijzer. Thee, koffie en alcohol remmen de opname. Daarom is het beter thee en koffie niet bij de maaltijd te drinken, maar er ongeveer 2 uur mee te wachten. Calcium is belangrijk bij de opbouw van het skelet. Er gaat bij het transpireren calcium verloren, dat moet worden aangevuld. In het algemeen geldt de aanbeveling 800 tot 1200 mg calcium per dag op te nemen. Gebruik je zuivelproducten, dan krijg je al snel voldoende calcium binnen (3 glazen melk en een plak kaas). Veganisten halen hun calcium uit bijvoorbeeld: (boeren)kool, broccoli, amandelen, para- en hazelnoten en sesamzaad.

Zink
Zink is een bestanddeel van veel enzymen die nodig zijn bij groei en weefselherstel. Het speelt ook een rol bij de eiwitsynthese. Vezelrijke voeding bindt een deel van het opgenomen zink. Dit vermindert de opname in het lichaam. De aanbevolen hoeveelheid ligt op 15-20 mg per dag. Zink komt met name voor in: zuivelproducten, volle granen, gist, noten, peulvruchten en tofu.

Vocht
Voldoende vocht is noodzakelijk om afvalstoffen te kunnen verwijderen en de lichaamstemperatuur onder controle te houden. Bij intensief sporten gaat veel vocht verloren door transpiratie. Op warme dagen kan dit verlies oplopen tot wel 3 à 4 liter. Dit moet aangevuld worden. Wacht niet met drinken tot je dorst krijgt, omdat de uitdroging dan al is begonnen. Verdeel de dranken regelmatig over de dag. Kies bijvoorbeeld (verdund) vruchtensap of bouillon om vocht en mineralen aan te vullen.

dinsdag 28 juni 2011

Rapport kinder-obesitas: boordevol tips!

Het lijkt een trend: kinderen die al heel jong te dik zijn. Amerikaanse wetenschappers hebben donderdag een rapport uitgebracht, waarin verschillende onderzoeken naar zwaarlijvigheid bij kinderen gecombineerd worden. Een rapport met een reeks eenvoudige stappen, die kunnen helpen de trend te keren.

Meer slapen, meer speeltijd, minder eten en minder televisie staan bovenaan de lijst van manieren om vet op afstand te houden.

‘Onlangs hebben onderzoekers ontdekt dat 10 procent van de zuigelingen en 20 procent van de kleuters overgewicht heeft’, zegt Leann Birch.

Het rapport is bedoeld voor consultatiebureaus, jeugdzorg en andere instanties die zich met kinderen tot vijf jaar bezighouden.

Enkele tips uit het rapport:
- Zorg dat kinderen heel de dag actief zijn. Niet stilzitten, maar rondrennen dus. Het streefgetal is een gemiddelde van zeker vijftien minuten beweging per uur.

-Gebruik autostoelen en kinderstoelen alleen voor de daarvoor bestemde doelen en beperk het gebruik van kinderwagens en schommels.

-Voldoende slaap.

- Wanneer ouders een kind straffen, moet dit niet gebeuren door speeltijd in te houden. Dat gaat ten koste van die o zo belangrijke beweging.

- Geef een kind zo lang mogelijk borstvoeding. De eerste zes maanden raadt het rapport dit zelfs exclusief aan.

- Leer een kind dat je alleen moet eten als je hongerig bent. Voorkom dus dat kinderen gewend raken aan overdadig snacken en snoepen.

- Limiteer televisie- en computertijd tot minder dan twee uur per dag. Haal televisies uit de slaapkamer. Kinderen slapen zonder de verleidingen van de buis veel beter. Dat zorgt weer voor actievere kinderen.

Wat je eet is belangrijker dan hoeveel je eet

Het is officieel: chips zijn de grootste dikmaker. Wie zich geregeld te buiten gaat aan een zakje, heeft het meest kans om in de loop der jaren extra kilo’s bij te kweken, aldus een Harvard-onderzoek. Daarentegen vermageren mensen die geregeld yoghurt, fruit, groenten, noten en volkorenproducten eten.

Terwijl een heleboel mensen zich onderwerpen aan diëten waarbij je amper 1.200 calorieën per dag mag eten, hebben onderzoekers uitgevogeld dat wat je eet belangrijker is voor je gewicht dan de grootte van je porties.

De onderzoekers van de Harvard School of Public Health analyseerden het individuele voedingspatroon en de levensstijl van ruim 120.000 Amerikanen over een periode van twintig jaar. Alle deelnemers waren bij het begin niet te dik of zwaarlijvig. Gemiddeld waren ze na twintig jaar 7,73 kilo bijgekomen, of goed 1,52 kilo om de vier jaar.

Chips
Een kleine kilo daarvan is toe te schrijven aan het geregeld eten van chips. ‘Dat is opvallend. De voornaamste reden is dat de meeste mensen het vaak niet kunnen laten bij een handjevol, maar meteen een hele zak naar binnen werken’, zegt professor Walter C. Willett, hoofd van de onderzoekers.

Ook aardappelen staan op de lijst van dikmakers. ‘Gekookte aardappelen verteren heel snel. Daardoor worden ze in ons bloed snel tot suiker omgezet en geven ze ons niet lang een voldaan gevoel’, zegt Willet.

Hij vergelijkt het met een appel. ‘Die eet je trager, omdat je meer moet kauwen, maar een appel verteert ook traag. De maag heeft tijd nodig om de appelcellen af te breken, waardoor het suiker van de appel heel traag in ons bloed wordt opgenomen. De vezels in het fruit vullen onze maag en geven ons langer een voldaan gevoel dan wanneer we een bord aardappels eten.’

‘Slechte’ koolhydraten
Het doet er dus niet per se toe hoeveel je van iets eet; wát je eet, is belangrijk. ‘Door slechte koolhydraten te vervangen door meer yoghurt, noten, groenten, fruit én volkorenproducten, verdik je minder of vermager je zelfs’, aldus de wetenschappers.

Ook de levensstijl werd onder de loep genomen. Zo was gemiddeld een uur per dag tv-kijken goed voor gewichtstoename. Wie onlangs gestopt was met roken, werd gemiddeld bijna 2,5 kilo zwaarder.

Mensen die meer óf minder sliepen dan zes tot acht uur per dag, bleken gemiddeld zwaarder te worden dan de rest. ‘Sporten hoort in een gezond leven thuis. Maar toch blijft wat je eet belangrijker als het gaat om je lichaamsgewicht. Kleine aanpassingen aan je voedingspatroon en levensstijl kunnen het verschil maken tussen slank blijven en dik worden.’

De studie van Harvard zou tot nu toe de meest diepgravende zijn op het gebied van voedingspatronen en de effecten van slaap- en rookgewoonten op de gezondheid.

maandag 30 mei 2011

duurzame voeding te duur

Nederlandse consument vindt duurzame voeding te duur

Het marktaandeel van duurzame levensmiddelen - zoals biologische producten, maar ook de 'gezonde keus'-voeding - is vrij laag. Dat komt doordat de Nederlandse consument zeer beperkt bereid is daar meer voor te betalen, concluderen prof. Peter Verhoef en dr. Jenny van Doorn van de vakgroep Marketing van de Faculteit Economie en Bedrijfskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen. Voor gezonde producten wil de consument zelfs minder betalen. Een van de redenen is dat consumenten duurzame voeding van lagere kwaliteit achten. De onderzoeksresultaten van Verhoef en Van Doorn verschijnen op 16 oktober 2009 in het tijdschrift Economische en Statistische Berichten.

Minister Verburg van LNV wil dat Nederland in 2015 internationaal koploper is op het gebied van de productie en consumptie van duurzame voeding. Zij hoopt dit te bereiken door een groter en diverser aanbod. Maar omdat uit dit nieuwe consumentenonderzoek blijkt dat de hoge prijs en gedachten over lagere kwaliteit een belemmering vormen, suggereren Verhoef en Van Doorn dat (gesubsidieerde) prijsverlaging en nadruk op kwaliteitsoordelen in de voorlichting belangrijker zijn.

Het onderzoek
Onder duurzame producten verstaan de onderzoekers zowel de producten die gericht zijn op het verbeteren van natuur, milieu en welzijn (de bio-, eko- en fair trade-labels) als voedingsmiddelen die beloven goed te zijn voor de individuele gezondheid (zoals light-producten). Verhoef en Van Doorn verrichtten onderzoek onder 1180 Nederlandse consumenten voor acht productcategorieën: jam, yoghurt, rijst, margarine (basisvoedingsmiddelen), frisdrank, chocolade, koffie en bier (genotsproducten). Ze brachten de bereidheid van consumenten in kaart om meer te betalen voor producten met duurzame claims of labels. Mogelijke achterliggende motieven die zijn onderzocht zijn de gedachten over de kwaliteit van het product, hoe gezond het product is en sociale gevoelens over de bijdrage die de koper levert aan mens en milieu.

Lagere kwaliteit
Verhoef en Van Doorn constateren dat consumenten alleen voor producten met een bio-claim bereid zijn om meer te betalen, maar wel slechts tot een zes procent hogere prijs. Dat terwijl de prijsverschillen nu vaak veel hoger liggen: tussen de tien en veertig procent. Voor producten met een gezondheidsclaim blijkt de Nederlandse consument zelfs vijf procent mínder te willen betalen. Men vindt deze gezonde producten minder smaakvol en ze dragen niet genoeg bij aan een 'sociaal gevoel' om de hoge prijs te rechtvaardigen. Verder is het opvallend dat consumenten zowel de bio- als fair trade- en gezondheidsproducten van een lagere kwaliteit vinden. Het is dus belangrijk dat de kwaliteitsoordelen over duurzame voeding sterk worden verbeterd om Nederlandse consument over te halen om duurzamer te consumeren.

Schuldgevoel afkopen
Er blijkt een verschil tussen luxe en basisvoedingsmiddelen: bij basisproducten handelt de consument vaak rationeler, terwijl bij luxere categorieën hij meer emotioneel keuzes maakt en zaken als bijvoorbeeld schuldgevoel een rol spelen. Zo zou een consument zich schuldig kunnen voelen over het eten van chocolade, en men zou dat gevoel kunnen afkopen door bijvoorbeeld fair trade-chocola te kiezen: 'Ik geniet, maar ik doe toch nog iets goeds'. Marketing kan slim inspelen op dit schuldgevoel om de consumptie van organische en fair trade-genotsproducten te verhogen, maar voor het verhogen van de verkoop van basisvoedingsmiddelen is een andere strategie nodig. Hier zullen toch vooral de kwaliteitspercepties verbeterd moeten worden.

Bron: Rijksuniversiteit Groningen