Door gezonde voeding op ooghoogte te zetten kun je maandelijks tot 1kg afvallen. Je eet namelijk eerst wat je ziet, ontdekten psychologen. Eenvoudige veranderingen als het verstoppen van chocolade en chips en op die plaats gezonde voeding te zetten kunnen je mensen op dieet helpen zonder dat ze dit zelf beseffen. Het serveren van maaltijden op kleinere borden en eten in de keuken of de eetkamer in plaats van voor televisie kan je ook onbewust helpen de hoeveelheid dat je eet te beperken, zonder dat je je wilskracht op de proef stelt.
1 kg per maand
Professor Brian Wansink zegt dat wanneer ons brein op andere dingen gefocust is we eten wat voor ons staat, of we nu hongerig zijn of niet. Vermijd 'eetvalkuilen' als makkelijk bereikbare junkfood. Dit kan ons helpen tot 1 kg per maand te verliezen, dat blijkt uit recent onderzoek. Zo bleek ook al dat mensen 37 procent meer vloeistof gieten in een kort, breed glas dan in een lang, dun glas.
Onbewust
Uit een een andere test met 60 mensen die soep aten, bleek dat wanneer de proefpersonen stiekem een tweede portie kregen toen ze naar toilet waren, ze 73 procent meer aten zonder dit te beseffen. Professor Wansink besluit: "De meeste van ons hebben een erg chaotisch leven, ze hebben de tijd niet om zich te kunnen concentreren op elke hap die ze naar binnenspelen en zichzelf af te vragen of ze voldaan zijn. Het geheim is je omgeving te veranderen zodat dit met jou meewerkt in plaats van je tegen te werken."
Het is niet altijd mogelijk om je maaltijden of snacks aan een eettafel te verorberen, al is dat natuurlijk wel de ideale plaats. Als je ergens anders eet, zal je onvermijdelijk heel wat extra calorieën opnemen. Zeker als je op dieet bent, moet je eten op de volgende vijf plaatsen vermijden! 1. In de auto
Onderweg eten is nooit een goed idee, zeker niet als het om een calorierijke fast food-maaltijd gaat. Bovendien heb je de neiging om te gulzig te eten in de auto, aangezien je je handen het liefst op het stuur houdt. Omdat je ook nog eens op de weg moet letten, heb je ook geen controle over de hoeveelheid eten. Als het toch niet anders kan, neem dan gezonde snacks mee, zodat je precies weet hoeveel calorieën je opneemt.
2. Rechtstaand in de keuken
Als je een snelle hap zoekt in keuken, word je omringd door eten en zal je al snel meer eten dan je eigenlijk wou. Het is vooral niet slim om te staan eten voor een open koelkast vol lekkers of om rond te lopen met een volledige pak chips of koekjes. Als je echt honger hebt, leg dan een aanvaardbare portie in een kom of op een bord en zet je aan tafel om er ten volle van te genieten!
3. Voor de televisie
Er is natuurlijk niks mis met het eten van een snack voor de televisie, maar vergeet niet op je calorieën te letten! Reclames zijn een regelrechte aanval op je slanke lijn. Al die kazige pizza's, hamburgers, ijsjes en chocolade smeken je om opgegeten te worden. Geen wonder dat je bij het zien van al dat lekkers onmiddellijk naar de keuken wil sprinten. Neem je voorzorgen door wat groente en fruit bij de hand te nemen.
4. Aan je bureau
Het is niet makkelijk om deze gewoonte te doorbreken, zeker wanneer je een nine to five job hebt waarbij je ook onder de middag blijft doorwerken. Nochtans is het zeer ongezond, omdat je veel te snel eet en je hersenen daardoor niet genoeg tijd krijgen om aan te geven dat je voldaan bent. Probeer dus toch minstens een kwartier je bureau te verlaten om je middagmaal te verorberen.
5. In je bed
Als je ziek bent, je laat verwennen of gewoon zin hebt in een luie dag, is het verleidelijk om te eten in bed. Toch is het beter om dat niet te doen, want het doet je onoplettend (en dus te veel) eten én het maakt je slaapomgeving minder hygiënisch. Vermijd late snacks in bed door genoeg te eten tijdens je avondmaal aan tafel. En ben je toch bang voor dat hongergevoel later op de avond? Eet dan enkele uren voor bedtijd een kommetje vers fruit, zodat je zeker kan weerstaan aan die ongezonde snacks.
Inspirerend en bewuster leven! De Bron centrum voor bewustwording in Cuijk heeft als doel om rust en ontspanning te bieden door u kennis te laten maken met de wereld van spiritualiteit en al zijn mogelijkheden.
dinsdag 23 augustus 2011
Gezonde rode bietjes
Bieten worden in de supermarkt vaak genegeerd terwijl ze het hele jaar voorradig zijn. Ontdek acht gezonde eigenschappen van bieten.
- Rauwe bieten bieden de meest complete voedingsstoffen. Daarnaast is bietensap met wortelen en een appel een smakelijke manier om belangrijke voedingsstoffen en enzymen binnen te krijgen.
- Bietensap is alkalisch en helpt acidose voorkomen. Acidose is een abnormaal zure toestand van het bloed veroorzaakt door ophoping van zuren of verlies van alkali.
- Bietensap stimuleert en reinigt levercellen en beschermt galbuizen. Het reduceert stress van de nieren en beschermt op die manier tegen jicht. Het bevordert bovendien de stoelgang.
- Bieten reinigen het bloed en creëren meer rode bloedcellen. Ze kunnen gebruikt worden om bloedarmoede te genezen. Dagelijkse consumptie van bieten wordt zelfs gebruikt om leukemie en andere kankersoorten te behandelen.
- Rode bieten en bladeren van rode bieten bevatten veel folaat, de basis voor foliumzuur. Folaat helpt bij de aanmaak van weefsel en rode bloedcellen. Foliumzuur uit folaat is beter voor zwangere vrouwen dan synthetisch foliumzuur. Op de lange termijn is het gezonder om folaat te nemen in plaats van foliumzuursupplementen. Helaas worden beide termen vaak door elkaar gebruikt.
- Bieten bevatten veel luteïne en zeaxanthine, die beide maculadegeneratie en andere leeftijdsgerelateerde oogaandoeningen helpen voorkomen of zelfs genezen. Maculadegeneratie is een oogaandoening waarbij de gezichtsscherpte afneemt ten gevolge van het afsterven van kegeltjes in het centrale gedeelte van het netvlies.
- Bieten bevatten veel betalaïnen, een fytonutriënt. Betalaïnen in bieten vormen krachtige antioxidanten, ontstekingsremmers en helpen bij het ontgiften.
Vleeswaren verhogen diabeteskans fors
De dagelijkse consumptie van zo’n 50 gram bewerkt rood vlees (vleeswaren als salami en worstsoorten) leidt tot een 50 procent hogere kans op diabetes.
Dat blijkt uit een grote studie uitgevoerd door wetenschappers van de Amerikaanse Harvard School of Public Health. De resultaten werden eerder deze week gepubliceerd in The American Journal of Clinical Nutrition.
De onderzoekers analyseerden de gegevens van ruim 442.000 personen uit drie grote studies waarvan de deelnemers uit de twee grootste onderzoeken 20 en 28 jaar werden gevolgd.
De onderzoekers keken niet alleen naar het risico van het eten van bewerkt rood vlees, maar ook naar de gevolgen van het dagelijks eten van onbewerkt rood vlees (”red meat”).
Onder deze Engelse benaming vallen rundvlees, kalfsvlees, varkensvlees en lamsvlees en daarvan afgeleide producten. Het gaat dus niet om vlees dat nog rood is en niet goed doorbakken. Kip, kalkoen en ander gevogelte, vallen er niet onder, maar horen thuis in de categorie wit vlees.
De consumptie van 100 gram onbewerkt rood vlees, een gangbare portie in westerse landen, leidde tot een hogere kans op diabetes van 20 procent. Iemand die dagelijks de dagelijkse portie rood vlees vervangt door het eten van noten, magere zuivelproducten en volkoren granen, kan het risico op diabetes verlagen met respectievelijk 21, 17 en 23 procent.
De enorme omvang van het onderzoek maakt dat de resultaten van deze epidemiologische studie zeer betrouwbaar zijn. Hoofdonderzoeker dr. Frank Hu, hoogleraar voeding en epidemiologie aan Harvard, noemt de studieresultaten dan ook van grote betekenis. „Er is sprake van een epidemie van diabetes in onze westerse wereld en tegelijk is er wereldwijd sprake van een toenemende consumptie van rood vlees.”
Eglantine Barents, diëtiste en beleidsadviseur van de Diabetesvereniging Nederland, noemt het een gegeven dat rood vlees voor de gezondheid niet zo gunstig is. „Dat bleek al eerder uit een zogeheten zevenlandenstudie. De inwoners van Kreta waren gezonder en werden ouder dan West-Europeanen. Hun voedingspatroon week op belangrijke punten af van wat wij in onze landen gewend zijn. Ze aten onder meer vaak vis en nauwelijks rood vlees.”
De resultaten van dit onderzoek zijn vanwege de omvang van de studie „niet te negeren”, vindt Barents. „Bovendien hebben de onderzoekers de uitkomsten gecorrigeerd voor leeftijd, overgewicht en andere risicofactoren op het gebied van leefstijl en voeding. Dus het hogere diabetesrisico is echt terug te voeren op de roodvleesconsumptie.”
Barents wil de uitkomsten niet betitelen als alleen maar slecht nieuws. „Dat is het natuurlijk enigszins als je rood vlees en vleeswaren lekker vindt, maar mensen krijgen ook alternatieven aangeboden waardoor ze hun vleesgebruik kunnen verminderen. Dat is het goede nieuws. Ze kunnen hun leefstijl aanpassen ter preventie van diabetes.”
Op basis van de uitkomsten adviseren de Amerikaanse voedingswetenschappers de consumptie van bewerkt rood vlees in de vorm van vleeswaren, rookworst en dergelijke te minimaliseren en de consumptie van onbewerkt rood vlees terug te dringen. Zo mogelijk dient rood vlees te worden ingeruild door gezonde vervangers, zoals vetarme zuivelproducten, vis en peulvruchten.
In 2005 kwam de consumptie van rood vlees ook in een kwaad daglicht te staan. Toen werden de resultaten gepresenteerd van een ander megaonderzoek onder ruim 520.000 Europeanen, de zogeheten EPIC-studie. De belangrijkste uitkomst was dat mensen die dagelijks 160 gram rood vlees en vleeswaren eten 31 procent meer kans hebben om binnen tien jaar dikkedarmkanker te krijgen dan mensen die minder dan 20 gram rood vlees per dag eten – één portie per week of minder.
Mensen die 80 gram vis per dag eten –ten minste om de dag een portie– hebben een 32 procent kleiner risico op dikkedarmkanker vergeleken met mensen die minder dan 20 gram vis per dag eten – minder dan één portie vis per week, zo bleek uit de EPIC-studie.
Dat blijkt uit een grote studie uitgevoerd door wetenschappers van de Amerikaanse Harvard School of Public Health. De resultaten werden eerder deze week gepubliceerd in The American Journal of Clinical Nutrition.
De onderzoekers analyseerden de gegevens van ruim 442.000 personen uit drie grote studies waarvan de deelnemers uit de twee grootste onderzoeken 20 en 28 jaar werden gevolgd.
De onderzoekers keken niet alleen naar het risico van het eten van bewerkt rood vlees, maar ook naar de gevolgen van het dagelijks eten van onbewerkt rood vlees (”red meat”).
Onder deze Engelse benaming vallen rundvlees, kalfsvlees, varkensvlees en lamsvlees en daarvan afgeleide producten. Het gaat dus niet om vlees dat nog rood is en niet goed doorbakken. Kip, kalkoen en ander gevogelte, vallen er niet onder, maar horen thuis in de categorie wit vlees.
De consumptie van 100 gram onbewerkt rood vlees, een gangbare portie in westerse landen, leidde tot een hogere kans op diabetes van 20 procent. Iemand die dagelijks de dagelijkse portie rood vlees vervangt door het eten van noten, magere zuivelproducten en volkoren granen, kan het risico op diabetes verlagen met respectievelijk 21, 17 en 23 procent.
De enorme omvang van het onderzoek maakt dat de resultaten van deze epidemiologische studie zeer betrouwbaar zijn. Hoofdonderzoeker dr. Frank Hu, hoogleraar voeding en epidemiologie aan Harvard, noemt de studieresultaten dan ook van grote betekenis. „Er is sprake van een epidemie van diabetes in onze westerse wereld en tegelijk is er wereldwijd sprake van een toenemende consumptie van rood vlees.”
Eglantine Barents, diëtiste en beleidsadviseur van de Diabetesvereniging Nederland, noemt het een gegeven dat rood vlees voor de gezondheid niet zo gunstig is. „Dat bleek al eerder uit een zogeheten zevenlandenstudie. De inwoners van Kreta waren gezonder en werden ouder dan West-Europeanen. Hun voedingspatroon week op belangrijke punten af van wat wij in onze landen gewend zijn. Ze aten onder meer vaak vis en nauwelijks rood vlees.”
De resultaten van dit onderzoek zijn vanwege de omvang van de studie „niet te negeren”, vindt Barents. „Bovendien hebben de onderzoekers de uitkomsten gecorrigeerd voor leeftijd, overgewicht en andere risicofactoren op het gebied van leefstijl en voeding. Dus het hogere diabetesrisico is echt terug te voeren op de roodvleesconsumptie.”
Barents wil de uitkomsten niet betitelen als alleen maar slecht nieuws. „Dat is het natuurlijk enigszins als je rood vlees en vleeswaren lekker vindt, maar mensen krijgen ook alternatieven aangeboden waardoor ze hun vleesgebruik kunnen verminderen. Dat is het goede nieuws. Ze kunnen hun leefstijl aanpassen ter preventie van diabetes.”
Op basis van de uitkomsten adviseren de Amerikaanse voedingswetenschappers de consumptie van bewerkt rood vlees in de vorm van vleeswaren, rookworst en dergelijke te minimaliseren en de consumptie van onbewerkt rood vlees terug te dringen. Zo mogelijk dient rood vlees te worden ingeruild door gezonde vervangers, zoals vetarme zuivelproducten, vis en peulvruchten.
In 2005 kwam de consumptie van rood vlees ook in een kwaad daglicht te staan. Toen werden de resultaten gepresenteerd van een ander megaonderzoek onder ruim 520.000 Europeanen, de zogeheten EPIC-studie. De belangrijkste uitkomst was dat mensen die dagelijks 160 gram rood vlees en vleeswaren eten 31 procent meer kans hebben om binnen tien jaar dikkedarmkanker te krijgen dan mensen die minder dan 20 gram rood vlees per dag eten – één portie per week of minder.
Mensen die 80 gram vis per dag eten –ten minste om de dag een portie– hebben een 32 procent kleiner risico op dikkedarmkanker vergeleken met mensen die minder dan 20 gram vis per dag eten – minder dan één portie vis per week, zo bleek uit de EPIC-studie.
zaterdag 20 augustus 2011
Mislukking marktwerking in de zorg
Marktscan NZa bevestigt mislukking marktwerking in de zorg
“Als het de bedoeling was om zo min mogelijk aandacht te genereren voor dit rapport, dan is dat goed gelukt”, aldus huisarts Mitrasing van De Vogelvrije Huisarts in commentaar op het persbericht van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) van 4 augustus met de titel: “Markt zorgverzekeraars in beweging, verzekeraars bieden meer gecontracteerde zorg aan“. Het persbericht geeft een samenvatting van de louter positieve conclusies van het rapport Marktscan Zorgverzekeringsmarkt van de NZa: “meer gecontracteerde zorg”, “sluit aan bij afspraken met de minister”, “consumenten raken gewend”. In werkelijkheid blijkt uit de harde cijfers van hetzelfde rapport dat er van marktwerking in het geheel geen sprake is.
De harde cijfers zijn die van de Herfindahl-Hirschman-index die in de marktscan worden gepubliceerd. Deze HH-index is in de macro-economie een algemeen geaccepteerde maat voor concentratie in een bepaalde bedrijfstak en kan daarom gebruikt worden ter beantwoording van de vraag of er sprake is van concurrentie of niet. De cijfers laten zien dat de zorgverzekeringsmarkt sinds 2007 stil staat. Onder de 1000 is er sprake van een concurrerende markt en boven de 1800 is van concurrentie geen sprake meer. In alle provincies wordt deze grens verre overschreden. Zeeland en Friesland zijn koplopers met een Herfindahl-Hirschman-index van 4.135 resp. 4.508. En dat is dan nog vóór de door de NMa inmiddels goedgekeurde fusie van De Friesland met Achmea. De markt is sinds 2007 nagenoeg geheel verdeeld onder 4 grote verzekeraars die gezamenlijk een onaantastbaar oligopolie vormen.
Alsof de NZa haar eigen marktscan niet begrijpt, schrijft ze in haar beleidsbrief aan de minister dat er voor verzekerden “voldoende keuzevrijheid en concurrentie onder zorgverzekeraars” bestaat. Ook meent zij dat de relatief geringe winst die overstappers in de zorgverzekering kunnen behalen in combinatie met de nagenoeg gelijk gebleven opslagpremie van zorgverzekeraars “lijkt te wijzen op een concurrerende markt”. Terwijl uit de HH-index blijkt dat er van marktwerking in de zorg nergens in Nederland sprake is, schrijft de NZa aan minister Edith Schippers van VWS: “Het beeld dat uit de marktscan naar voren komt is voor de NZa geen aanleiding om op korte termijn vanuit haar regulering- en toezichtbevoegdheden specifieke maatregelen te treffen of specifieke toezichtactiviteiten te ontplooien.”
De Vogelvrije Huisarts concludeert dat de NZa niet langer het doel van het Zorgstelsel 2006 voor ogen heeft: concurrentie tussen zorgverzekeraars bevorderen om zo de stijgende kosten te drukken. De Herfindahl-Hirschman-index voor Nederland is 2105; ruim boven de 1.800 en ver boven de grens van 1.000 die de NZa zélf aanhoudt als borging voor een concurrerende markt. De NZa meent nu dat vergroting van de inkoopmacht van verzekeraars wenselijk is om prijsverlaging en daarmee kostenbeheersing te verwezenlijken. Dat gaat zelfs zover dat zorgverzekeraars nu budgetoverschrijdingen mogen verhalen op de gecontracteerde zorgaanbieders. Het onlangs gesloten “Akkoord op Hoofdlijnen” bevestigt de beweging naar een markt met selectief inkopende zorgverzekeraars die onderling niet met elkaar concurreren.
“Van marktwerking in de zorg komt nauwelijks iets terecht en van kostenbeheersing al helemaal niet. De NZa heeft geen enkele reden om zelfgenoegzaam achterover te leunen”, aldus De Vogelvrije Huisarts.
“Als het de bedoeling was om zo min mogelijk aandacht te genereren voor dit rapport, dan is dat goed gelukt”, aldus huisarts Mitrasing van De Vogelvrije Huisarts in commentaar op het persbericht van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) van 4 augustus met de titel: “Markt zorgverzekeraars in beweging, verzekeraars bieden meer gecontracteerde zorg aan“. Het persbericht geeft een samenvatting van de louter positieve conclusies van het rapport Marktscan Zorgverzekeringsmarkt van de NZa: “meer gecontracteerde zorg”, “sluit aan bij afspraken met de minister”, “consumenten raken gewend”. In werkelijkheid blijkt uit de harde cijfers van hetzelfde rapport dat er van marktwerking in het geheel geen sprake is.
De harde cijfers zijn die van de Herfindahl-Hirschman-index die in de marktscan worden gepubliceerd. Deze HH-index is in de macro-economie een algemeen geaccepteerde maat voor concentratie in een bepaalde bedrijfstak en kan daarom gebruikt worden ter beantwoording van de vraag of er sprake is van concurrentie of niet. De cijfers laten zien dat de zorgverzekeringsmarkt sinds 2007 stil staat. Onder de 1000 is er sprake van een concurrerende markt en boven de 1800 is van concurrentie geen sprake meer. In alle provincies wordt deze grens verre overschreden. Zeeland en Friesland zijn koplopers met een Herfindahl-Hirschman-index van 4.135 resp. 4.508. En dat is dan nog vóór de door de NMa inmiddels goedgekeurde fusie van De Friesland met Achmea. De markt is sinds 2007 nagenoeg geheel verdeeld onder 4 grote verzekeraars die gezamenlijk een onaantastbaar oligopolie vormen.
Alsof de NZa haar eigen marktscan niet begrijpt, schrijft ze in haar beleidsbrief aan de minister dat er voor verzekerden “voldoende keuzevrijheid en concurrentie onder zorgverzekeraars” bestaat. Ook meent zij dat de relatief geringe winst die overstappers in de zorgverzekering kunnen behalen in combinatie met de nagenoeg gelijk gebleven opslagpremie van zorgverzekeraars “lijkt te wijzen op een concurrerende markt”. Terwijl uit de HH-index blijkt dat er van marktwerking in de zorg nergens in Nederland sprake is, schrijft de NZa aan minister Edith Schippers van VWS: “Het beeld dat uit de marktscan naar voren komt is voor de NZa geen aanleiding om op korte termijn vanuit haar regulering- en toezichtbevoegdheden specifieke maatregelen te treffen of specifieke toezichtactiviteiten te ontplooien.”
De Vogelvrije Huisarts concludeert dat de NZa niet langer het doel van het Zorgstelsel 2006 voor ogen heeft: concurrentie tussen zorgverzekeraars bevorderen om zo de stijgende kosten te drukken. De Herfindahl-Hirschman-index voor Nederland is 2105; ruim boven de 1.800 en ver boven de grens van 1.000 die de NZa zélf aanhoudt als borging voor een concurrerende markt. De NZa meent nu dat vergroting van de inkoopmacht van verzekeraars wenselijk is om prijsverlaging en daarmee kostenbeheersing te verwezenlijken. Dat gaat zelfs zover dat zorgverzekeraars nu budgetoverschrijdingen mogen verhalen op de gecontracteerde zorgaanbieders. Het onlangs gesloten “Akkoord op Hoofdlijnen” bevestigt de beweging naar een markt met selectief inkopende zorgverzekeraars die onderling niet met elkaar concurreren.
“Van marktwerking in de zorg komt nauwelijks iets terecht en van kostenbeheersing al helemaal niet. De NZa heeft geen enkele reden om zelfgenoegzaam achterover te leunen”, aldus De Vogelvrije Huisarts.
Hogere inkomens profiteren meest van overheid
Huishoudens met een inkomen van 75.500 euro per jaar of meer ontvangen op jaarbasis twee keer zo veel aan voorzieningen als mensen met een middeninkomen.
Jaarlijks komt dat neer op gemiddeld 11.500 euro, schrijft de Volkskrant. De rijkere Nederlanders profiteren met name van hypotheekrenteafrek en toeslagen voor kinderopvang.
De krant baseert zich op het rapport Profijt van de Overheid 2007 van het Sociaal en Cultureel Planbureau, dat maandag verschijnt.
Het planbureau signaleert dat middeninkomens (met een inkomen van ongeveer 33.000 euro) al jaren achterblijven als groep.
Ontvangen modale huishoudens 6600 euro aan voordelen, de lagere inkomensgroepen komen op jaarbasis 1100 euro meer toe, bijvoorbeeld in de vorm van huurtoeslagen, thuiszorg en kwijtschelding van lokale heffingen.
Jaarlijks komt dat neer op gemiddeld 11.500 euro, schrijft de Volkskrant. De rijkere Nederlanders profiteren met name van hypotheekrenteafrek en toeslagen voor kinderopvang.
De krant baseert zich op het rapport Profijt van de Overheid 2007 van het Sociaal en Cultureel Planbureau, dat maandag verschijnt.
Het planbureau signaleert dat middeninkomens (met een inkomen van ongeveer 33.000 euro) al jaren achterblijven als groep.
Ontvangen modale huishoudens 6600 euro aan voordelen, de lagere inkomensgroepen komen op jaarbasis 1100 euro meer toe, bijvoorbeeld in de vorm van huurtoeslagen, thuiszorg en kwijtschelding van lokale heffingen.
'Farmaceuten bedenken constant nieuwe aandoeningen'
In onze no-risk society worden geen afwijkingen van de norm en van onze verwachtingen geaccepteerd. Het mag ons alleen maar goed gaan. Als dat onverhoopt niet het geval is, betreft het vast een aandoening die wel met een pilletje te verhelpen is. Mijn dochter Isa, 13 jaar, heeft het DNK-syndroom. Mijn vrouw en ik zijn opgelucht dat de diagnose eindelijk is vastgesteld. U vraagt zich wellicht af: DNK-syndroom? ADHD, PDD-NOS (autisme), burn-out; die ziekten zijn inmiddels in hoge mate bekend. Maar DNK-syndroom? Ik schets enkele symptomen bij mijn dochter: ze staart ons soms met grote ogen aan, ze is snel afgeleid, ze is de hele dag met haar uiterlijk bezig, ze kan niet lang met ons aan tafel zitten, ze 'bekt' steeds vaker terug, ze zit uren voor de tv of laptop en ze wil steeds later naar bed. Wordt het u nu duidelijk? DNK staat voor DoodNormaal Kind.
lees meer in de VK
lees meer in de VK
Doorstart EPD kan niet zonder toestemming patiënt
Het landelijke EPD en het bijbehorende Landelijk Schakelpunt (LSP) kunnen alleen door de zorgsector worden voortgezet als elke betreffende patiënt daarvoor expliciet toestemming geeft. Dat kan kostbaar zijn.
Het College Bescherming Persoonsgegevens heeft op verzoek van Nictiz (die het LSP heeft opgezet en beheert) onderzocht of een nieuw op te richten ‘Vereniging van Zorgaanbieders voor Zorginformatieuitwisseling (VZZ)’ is aan te merken als private hulpverlener en dus onder de geldende privacyregels zou kunnen doorgaan met het uitwisselen van patiëntgegevens. Dat is niet het geval, oordeelt het CBP: 'Geconstateerd moet worden dat vanwege het ontbreken van daadwerkelijke verantwoordelijkheid voor en betrokkenheid bij de zorgverlening of behandeling door VZZ, de door VZZ verrichte werkzaamheden niet onder het bereik en de bescherming van een medisch beroepsgeheim zullen vallen.'
Kostbaar
Dus moeten zorgverleners iedere patiënt uitdrukkelijk om toestemming vragen voor het uitwisselen van zijn gegevens. Dat kan een bewerkelijke en dus voor de zorgverleners kostbare aangelegenheid zijn en Nictiz maakt zich daar zorgen over.
Rapport
De medische sector wil zelf graag het LSP blijven gebruiken, ook al heeft minister Schippers van VWS door het sneven van het EPD-wetsvoorstel in de Eerste Kamer haar handen ervan af moeten trekken. Nictiz onderzoekt nu wat de mogelijkheden zijn voor voortzetting van het voor informatieuitwisseling cruciale LSP en brengt Schippers daarover binnenkort verslag uit. Een ‘Doorstartmodel landelijke infrastructuur' ligt klaar, maar de zienswijze van het CBP is een kink in de kabel.
Abonneren op:
Posts (Atom)